poll
zelfstandig naamwoord /pɔl/Betekenis
- opiniepeiling, onderzoek waarbij mensen naar hun opvatting wordt gevraagd
- bindende stemming waar alle mensen uit een groep aan kunnen meedoen
- (België) stemming onder de leden van een politieke partij om tot een kandidatenlijst te komen
- hoofd, kruin
- aantal hoofden, als aanduiding hoe groot een groep mensen is
Hoe spreek je poll uit?
/pɔl/
Poll bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| ɔ | bot |
| l | land |
Klinkt hetzelfde als pol.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| polls | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘stemming’ voor het eerst aangetroffen in 1847
Woordfamilie van poll
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| polls | meervoud | poll |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van poll zijn vastgelegd.