Naar de inhoud

knauwen

~ op iets trachten door te bijten

knauwen is meer dan één woord

knauwen

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈknɑuwə(n)

Betekenis

  1. ~ op iets trachten door te bijten
  2. inslikken van de uitgang -en in de uitspraak van een woord, met name in het Gronings

Hoe spreek je knauwen uit?

/ˈknɑuwən/

Knauwen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈknɑuwən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
k kat
n nek
ɑu koud
w quiz
ə de
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van knauwen

knauwenhele werkwoord — knauwdeverleden tijd enkelvoud — knauwdenverleden tijd meervoud — geknauwdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik knauw knauwde
jij knauwt knauwde
hij, zij, het knauwt knauwde
wij knauwen knauwden
jullie knauwen knauwden
zij knauwen knauwden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is geknauwd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geknauwd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geknauwd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geknauwd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geknauwd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geknauwd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geknauwd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geknauwd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geknauwd verleden tijd, deelwoord
geknauwd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geknauwd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geknauwd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geknauwd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geknauwd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geknauwd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geknauwd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geknauwd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geknauwd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geknauwd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geknauwd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geknauwd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geknauwd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geknauwd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geknauwd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geknauwd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geknauwd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
knauw gebiedende wijs
knauwde verleden tijd
knauwe aanvoegende wijs
knauwend onvoltooid, deelwoord
te hebben geknauwd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te knauwen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen knauwen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geknauwd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geknauwd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geknauwd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal knauwen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal knauwen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal knauwen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geknauwd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geknauwd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geknauwd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou knauwen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou knauwen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou knauwen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geknauwd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geknauwd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geknauwd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden knauwen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden knauwen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden knauwen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geknauwd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt knauwen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geknauwd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geknauwd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geknauwd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen knauwen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen knauwen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen knauwen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen knauwen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geknauwd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult knauwen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord knauw

Herkomst

van Middelnederlands cnauwen, vermoedelijk een mengvorm van knagen en kauwen; in de betekenis van ‘sterk kauwen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1287

Woordfamilie van knauwen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geknauwd voltooid deelwoord knauwen
geknauwde woordvorm knauwen
knauwde verleden tijd knauwen
knauwden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon knauwen
knauwe aanvoegende wijs knauwen
knauwend onvoltooid deelwoord knauwen
knauwende woordvorm knauwen
knauwt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon knauwen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van knauwen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over knauwen

Hoe spreek ik knauwen uit?
Zo spreek je knauwen uit: /ˈknɑuwə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van knauwen?
Knauwen is een werkwoord. De betekenis is: ~ op iets trachten door te bijten. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik knauwen?
Zo vervoeg je knauwen zo: de tegenwoordige tijd is knauw, de verleden tijd is knauwde en het voltooid deelwoord is geknauwd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op knauwen?

In dit woordenboek rijmen 25 woorden op -uwen op knauwen, zoals litouwen, aanschouwen en vertrouwen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op knauwen, uitspraak ˈknɑuwən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
litouwen 3
aanschouwen 3
vertrouwen 3
beschouwen 3
miauwen 3
rouwen 2
touwen 2
klauwen 2
verbouwen 3
berouwen 3
herkauwen 3
mauwen 2
jouen 2
consumentenvertrouwen 7
versjouwen 3
gebouwen 3
ineengevouwen 5
kerkgebouwen 5
lesgebouwen 4
noodgebouwen 4
overbouwen 4
pyjamamouwen 5
vrouwen 2
watjekouwen 4
wetenschapsvrouwen 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord knauwen is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. K 3
  2. N 1
  3. A 1
  4. U 4
  5. W 5
  6. E 1
  7. N 1
  8. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

knauwen levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 112 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. K 3
  2. N 1
  3. A 1
  4. U 2
  5. W 5
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 112 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

knauwen telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

knauwen in het kort

knauwen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van knauwen staan er 40 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort knauwen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

knauwen: ~ op iets trachten door te bijten
Deel knauwen — standaardnederlands.nl