Naar de inhoud

stoppen

herstellen (van een gat)

stoppen is meer dan één woord

stoppen

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈstɔpə(n)

Betekenis

  1. herstellen (van een gat)
  2. vullen (van een pijp)
  3. doen halthouden
  4. ophouden, ermee kappen

Hoe spreek je stoppen uit?

/ˈstɔpən/

Stoppen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈstɔpən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
t tak
ɔ bot
p pak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. herstellen (van een gat), meestal door dichtnaaien transitive
  2. een einde nemen, ophouden [1] impersonal
  3. niet langer doorgaan, ophouden [2] ergative
  4. iets ergens in doen

Vervoeging van stoppen

stoppenhele werkwoord — stopteverleden tijd enkelvoud — stoptenverleden tijd meervoud — gestoptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik stop stopte
jij stopt stopte
hij, zij, het stopt stopte
wij stoppen stopten
jullie stoppen stopten
zij stoppen stopten
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gestopt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gestopt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gestopt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gestopt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gestopt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gestopt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gestopt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gestopt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gestopt verleden tijd, deelwoord
gestopt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestopt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gestopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gestopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gestopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gestopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gestopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gestopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gestopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gestopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestopt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gestopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gestopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
stop gebiedende wijs
stoppe aanvoegende wijs
stoppend onvoltooid, deelwoord
stopte verleden tijd
te hebben gestopt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te stoppen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen stoppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gestopt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gestopt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal stoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal stoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal stoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou stoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou stoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou stoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden stoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden stoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden stoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt stoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gestopt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gestopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gestopt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen stoppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen stoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen stoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen stoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gestopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult stoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord stop

Herkomst

erfwoord via Middelnederlands stoppen / stuppen van Oudnederlands stuppon, in de betekenis van ‘dichtmaken’ aangetroffen vanaf 901 **[3], [4] bij vervoermiddelen: terugontlening van Engels stop ww , in de betekenis van ‘stilstaan’ aangetroffen vanaf 1849

Woordfamilie van stoppen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gestopt voltooid deelwoord stoppen
gestopte woordvorm stoppen
stoppe aanvoegende wijs stoppen
stoppend onvoltooid deelwoord stoppen
stoppende woordvorm stoppen
stopt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon stoppen
stopte verleden tijd stoppen
stopten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon stoppen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stoppen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over stoppen

Hoe spreek je stoppen uit?
De uitspraak van stoppen is: /ˈstɔpə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent stoppen?
Stoppen is een werkwoord. Het woord betekent: herstellen (van een gat). Deze pagina beschrijft 8 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je stoppen?
Je vervoegt stoppen als volgt: de tegenwoordige tijd is stop, de verleden tijd is stopte en het voltooid deelwoord is gestopt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op stoppen?

Stoppen rijmt op 17 woorden op -oppen; kloppen, koppen en schoppen bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op stoppen, uitspraak ˈstɔpən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
kloppen 2
koppen 2
schoppen 2
verstoppen 3
moppen 2
soppen 2
ontstoppen 3
bergtoppen 4
karpatenkoppen 5
koperkoppen 4
kroppen 2
reuzemoppen 4
reuzenmoppen 4
rozenknoppen 4
veterdroppen 4
wereldtoppen 4
wittekoppen 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord stoppen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. T 2
  3. O 1
  4. P 3
  5. P 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

stoppen levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 109 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. T 2
  3. O 1
  4. P 4
  5. P 4
  6. E 1
  7. N 1
  8. 15 zonder bonus
  9. 109 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

stoppen telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

stoppen in het kort

stoppen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 8 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van stoppen zijn 40 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort stoppen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

stoppen: herstellen (van een gat)
Deel stoppen — standaardnederlands.nl