stopfles
zelfstandig naamwoordBetekenis
- flesje dat gesloten wordt met een geslepen glazen stop en vaak wordt gebruikt voor het bewaren van medicinale drankjes
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| stopflesje | verkleinwoord, enkelvoud |
| stopflesjes | verkleinwoord, meervoud |
| stopflessen | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘type fles’ voor het eerst aangetroffen in 1888
Woordfamilie van stopfles
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| stopflesje | verkleinwoord | stopfles |
| stopflesjes | verkleinwoord meervoud | stopfles |
| stopflessen | meervoud | stopfles |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van stopfles zijn vastgelegd.