Naar de inhoud

verstoppen

iets ~: iets stoppen waar het niet gemakkelijk gevonden zal worden

verstoppen

werkwoord /vər'stɔpə(n)/

Betekenis

  1. iets ~: iets stoppen waar het niet gemakkelijk gevonden zal worden
  2. een nauwe gang of buis blokkeren
  3. zich ~ een schuilplaats vinden
  4. enz.

Hoe spreek je verstoppen uit?

/vərˈstɔpən/

Verstoppen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /vərˈstɔpən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ə de
r rood
s sok
t tak
ɔ bot
p pak
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van verstoppen

verstoppenhele werkwoord — verstopteverleden tijd enkelvoud — verstoptenverleden tijd meervoud — verstoptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verstop verstopte
jij verstopt verstopte
hij, zij, het verstopt verstopte
wij verstoppen verstopten
jullie verstoppen verstopten
zij verstoppen verstopten
Alle 97 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is verstopt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verstopt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verstopt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verstopt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verstopt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verstopt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verstopt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verstopt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verstopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verstopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verstopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verstopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verstopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verstopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verstopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verstopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verstopt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verstopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verstopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verstopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verstopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verstopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verstopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verstopt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verstoppen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verstoppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verstop gebiedende wijs
verstop me eerste persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
verstop u/je , verstopt je gebiedende wijs
verstoppe aanvoegende wijs
verstoppe zich aanvoegende wijs
verstoppen je tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
verstoppen ons eerste persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
verstoppen zich derde persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
verstoppend onvoltooid, deelwoord
verstopt verleden tijd, deelwoord
verstopt je tweede persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
verstopt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verstopt u tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
verstopt u tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
verstopt zich derde persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
verstopt zich/u tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
verstopt zich/u tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
verstopt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verstopte verleden tijd
verstopte je tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
verstopte me eerste persoon, verleden tijd, enkelvoud
verstopte u tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
verstopte u tweede persoon, verleden tijd, meervoud
verstopte zich derde persoon, verleden tijd, enkelvoud
verstopte zich/u tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
verstopte zich/u tweede persoon, verleden tijd, meervoud
verstopten je tweede persoon, verleden tijd, meervoud
verstopten ons eerste persoon, verleden tijd, meervoud
verstopten zich derde persoon, verleden tijd, meervoud
zal me verstoppen eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal verstopt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verstopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verstopt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal zich verstoppen derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal, zult je verstoppen tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zich verstoppend onvoltooid, deelwoord
zich verstopt hebben verleden tijd
zou verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou verstopt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verstopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verstopt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden verstopt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verstopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verstopt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt verstopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen je verstoppen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zullen ons verstoppen eerste persoon, toekomende tijd, meervoud
zullen verstoppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen verstopt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verstopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verstopt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen zich verstoppen derde persoon, toekomende tijd, meervoud
zult u verstoppen tweede persoon
zult u verstoppen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zult verstoppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult verstopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult zich/u verstoppen tweede persoon
zult zich/u verstoppen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud

Herkomst

Afgeleid van stoppen met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van verstoppen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verstop gebiedende wijs verstoppen
verstoppe aanvoegende wijs verstoppen
verstoppend onvoltooid deelwoord verstoppen
verstoppende woordvorm verstoppen
verstopt voltooid deelwoord verstoppen
verstopte verleden tijd verstoppen
verstopten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verstoppen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verstoppen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verstoppen

Hoe spreek je verstoppen uit?
De uitspraak van verstoppen is: /vər'stɔpə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent verstoppen?
Verstoppen is een werkwoord. Het woord betekent: iets ~: iets stoppen waar het niet gemakkelijk gevonden zal worden. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je verstoppen?
Je vervoegt verstoppen als volgt: de tegenwoordige tijd is verstop, de verleden tijd is verstopte en het voltooid deelwoord is verstopt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op verstoppen?

Er staan 17 woorden in dit woordenboek die op verstoppen rijmen, waaronder stoppen, kloppen en koppen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op verstoppen, uitspraak vərˈstɔpən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
stoppen 2
kloppen 2
koppen 2
schoppen 2
moppen 2
soppen 2
ontstoppen 3
bergtoppen 4
karpatenkoppen 5
koperkoppen 4
kroppen 2
reuzemoppen 4
reuzenmoppen 4
rozenknoppen 4
veterdroppen 4
wereldtoppen 4
wittekoppen 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verstoppen is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. T 2
  6. O 1
  7. P 3
  8. P 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verstoppen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 90 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. T 2
  6. O 1
  7. P 4
  8. P 4
  9. E 1
  10. N 1
  11. 22 zonder bonus
  12. 90 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verstoppen in het kort

verstoppen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van verstoppen zijn 67 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verstoppen bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verstoppen: iets ~: iets stoppen waar het niet gemakkelijk gevonden zal worden
Deel verstoppen — standaardnederlands.nl