pijl
zelfstandig naamwoord pɛilBetekenis
- langwerpig projectiel met scherpe punt dat met behulp van een boog afgeschoten kan worden
- —>: een symbool in de vorm van een lange streep met twee korte strepen die samenkomen in één punt, vaak gebruikt om ergens de aandacht op te vestigen of richting aan te geven
- de grootste afstand tussen een cirkel en een koorde
- de afstand tussen de top van een boog en de verbindingslijn tussen de aanzetpunten
- haar, dun reepje
Hoe spreek je pijl uit?
/pɛil/
Pijl bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| ɛi | trein |
| l | land |
Klinkt hetzelfde als peil.
zelfstandig naamwoord — masculine
- symbool in de vorm van een lange streep met twee korte strepen die samenkomen in één punt (zoals ↑, ↗, →, ↘, ↓ of ←), vaak gebruikt om ergens de aandacht op te vestigen of richting aan te geven
- grootste afstand tussen een cirkel en een koorde
- afstand tussen de top van een boog en de verbindingslijn tussen de aanzetpunten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pijlen | meervoud |
| pijltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| pijltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
[1], [2]: via Middelnederlands pile van Latijn pilum, in de betekenis van ‘projectiel voor een boog’ aangetroffen vanaf 1373
Woordfamilie van pijl
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pijlen | meervoud | pijl |
| pijltje | verkleinwoord | pijl |
| pijltjes | verkleinwoord meervoud | pijl |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pijl zijn vastgelegd.