Naar de inhoud

kleppen

een klappend geluid voortbrengen

kleppen is meer dan één woord

kleppen

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈklɛpə(n)

Betekenis

  1. een klappend geluid voortbrengen
  2. het geluid van een klepel tegen een klok voortbrengen
  3. voortdurend blijven praten over onbelangrijke onderwerpen

Hoe spreek je kleppen uit?

/ˈklɛpən/

Kleppen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈklɛpən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
k kat
l land
ɛ bed
p pak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van kleppen

kleppenhele werkwoord — klepteverleden tijd enkelvoud — kleptenverleden tijd meervoud — gekleptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik klep klepte
jij klept klepte
hij, zij, het klept klepte
wij kleppen klepten
jullie kleppen klepten
zij kleppen klepten
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
geklept verleden tijd, deelwoord
geklept te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geklept zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geklept voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geklept voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geklept voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geklept voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geklept voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geklept voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geklept voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geklept voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geklept actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geklept voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geklept voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geklept voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geklept voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geklept voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geklept voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
klep gebiedende wijs
kleppe aanvoegende wijs
kleppend onvoltooid, deelwoord
klepte verleden tijd
te hebben geklept actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te kleppen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen kleppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geklept hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geklept hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geklept hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal kleppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal kleppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal kleppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geklept hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geklept hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geklept hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou kleppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou kleppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou kleppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geklept hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geklept hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geklept hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden kleppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden kleppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden kleppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geklept hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt kleppen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geklept hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geklept hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geklept hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen kleppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen kleppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen kleppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen kleppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geklept hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult kleppen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord klep

Herkomst

ww: klanknabootsing, van Middelnederlands cleppen ww , in de betekenis van ‘een kleppend geluid maken’ voor het eerst aangetroffen in 1346

Woordfamilie van kleppen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geklept voltooid deelwoord kleppen
kleppe aanvoegende wijs kleppen
kleppend onvoltooid deelwoord kleppen
kleppende woordvorm kleppen
klept aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon kleppen
klepte verleden tijd kleppen
klepten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon kleppen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kleppen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over kleppen

Hoe spreek je kleppen uit?
De uitspraak van kleppen is: /ˈklɛpə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent kleppen?
Kleppen is een werkwoord. Het woord betekent: een klappend geluid voortbrengen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je kleppen?
Je vervoegt kleppen als volgt: de tegenwoordige tijd is klep, de verleden tijd is klepte en het voltooid deelwoord is geklept. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op kleppen?

In dit woordenboek rijmen 10 woorden op -eppen op kleppen, zoals scheppen, meppen en onderscheppen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op kleppen, uitspraak ˈklɛpən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
scheppen 2
meppen 2
onderscheppen 4
neppen 2
handicappen 4
appen 2
beppen 2
feppen 2
overscheppen 4
whappen 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord kleppen is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. K 3
  2. L 3
  3. E 1
  4. P 3
  5. P 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

kleppen levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 115 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. K 3
  2. L 3
  3. E 1
  4. P 4
  5. P 4
  6. E 1
  7. N 1
  8. 17 zonder bonus
  9. 115 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

kleppen telt 7 letters, waarvan 5 verschillende, want 2 letters komen er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

kleppen in het kort

kleppen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van kleppen zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort kleppen bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

kleppen: een klappend geluid voortbrengen
Deel kleppen — standaardnederlands.nl