onderscheppen
werkwoord /ɔndər'sxɛpə(n)/Betekenis
- ervoor zorgen dat iets dat onderweg is zijn bestemming niet haalt.
Hoe spreek je onderscheppen uit?
/ɔndərˈsxɛpən/
Onderscheppen bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| n | nek |
| d | dak |
| ə | de |
| r | rood |
| s | sok |
| x | acht |
| ɛ | bed |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van onderscheppen
onderscheppenhele werkwoord — onderschepteverleden tijd enkelvoud — onderscheptenverleden tijd meervoud — onderscheptvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | onderschep | onderschepte |
| jij | onderschept | onderschepte |
| hij, zij, het | onderschept | onderschepte |
| wij | onderscheppen | onderschepten |
| jullie | onderscheppen | onderschepten |
| zij | onderscheppen | onderschepten |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is onderschept | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was onderschept | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd onderschept | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt onderschept | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal onderschept worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal onderschept zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou onderschept worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou onderschept zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had onderschept | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had onderschept | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had onderschept | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden onderschept | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden onderschept | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden onderschept | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt onderschept | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben onderschept | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| onderschep | gebiedende wijs |
| onderscheppe | aanvoegende wijs |
| onderscheppend | onvoltooid, deelwoord |
| onderschept | verleden tijd, deelwoord |
| onderschept te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| onderschept te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| onderschept te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderschept te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderschept te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderschept worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| onderschept zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| onderschept zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderschept zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderschept zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderschepte | verleden tijd |
| te hebben onderschept | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te onderscheppen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen onderscheppen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart onderschept | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren onderschept | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren onderschept | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren onderschept | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was onderschept | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was onderschept | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was onderschept | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd onderschept | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd onderschept | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd onderschept | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden onderschept | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden onderschept | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden onderschept | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt onderschept | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word onderschept | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden onderschept | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden onderschept | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden onderschept | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt onderschept | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt onderschept | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal onderschept hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderschept hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal onderschept hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal onderschept zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderschept zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt onderschept | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou onderschept hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderschept hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderschept hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderschept zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderschept zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderschept zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden onderschept hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden onderschept hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden onderschept hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderschept zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden onderschept zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden onderschept zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt onderschept hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderschept zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen onderscheppen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen onderschept hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen onderschept hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen onderschept hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderschept zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen onderschept zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen onderschept zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult onderscheppen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult onderschept hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderschept worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderschept zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van onder bw en scheppen ww
Woordfamilie van onderscheppen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onderschep | gebiedende wijs | onderscheppen |
| onderscheppe | aanvoegende wijs | onderscheppen |
| onderscheppend | onvoltooid deelwoord | onderscheppen |
| onderscheppende | woordvorm | onderscheppen |
| onderschept | voltooid deelwoord | onderscheppen |
| onderschepte | verleden tijd | onderscheppen |
| onderschepten | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | onderscheppen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onderscheppen zijn vastgelegd.