Naar de inhoud

betrachten

nauwgezet in acht nemen

betrachten

werkwoord bəˈtrɑxtə(n)

Betekenis

  1. nauwgezet in acht nemen
  2. je plicht betrachten: proberen te doen wat je moet doen

Hoe spreek je betrachten uit?

/bəˈtrɑxtən/

Betrachten bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /bəˈtrɑxtən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
b bak
ə de
t tak
r rood
ɑ bad
x acht
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van betrachten

betrachtenhele werkwoord — betrachtteverleden tijd enkelvoud — betrachttenverleden tijd meervoud — betrachtvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik betracht betrachtte
jij betracht betrachtte
hij, zij, het betracht betrachtte
wij betrachten betrachtten
jullie betrachten betrachtten
zij betrachten betrachtten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben betracht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent betracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
betracht gebiedende wijs
betracht verleden tijd, deelwoord
betracht te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
betracht te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
betracht te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
betracht te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
betracht te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
betracht worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
betracht zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
betracht zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
betracht zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
betracht zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
betrachte aanvoegende wijs
betrachtend onvoltooid, deelwoord
betrachtte verleden tijd
er is betracht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was betracht impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd betracht impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt betracht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal betracht worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal betracht zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou betracht worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou betracht zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had betracht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had betracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had betracht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden betracht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden betracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden betracht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt betracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb betracht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben betracht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben betracht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben betracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben betracht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt betracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft betracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft betracht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is betracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is betracht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te betrachten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben betracht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen betrachten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart betracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren betracht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren betracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren betracht voltooid, verleden tijd, derde persoon
was betracht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was betracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was betracht voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd betracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd betracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd betracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden betracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden betracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden betracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt betracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word betracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden betracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden betracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden betracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt betracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt betracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal betracht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal betracht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal betracht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal betracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal betracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal betracht zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal betracht zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal betrachten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal betrachten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal betrachten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn betracht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn betracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn betracht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt betracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou betracht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou betracht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou betracht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou betracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou betracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou betracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou betracht zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou betracht zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou betracht zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou betrachten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou betrachten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou betrachten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden betracht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden betracht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden betracht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden betracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden betracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden betracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden betracht zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden betracht zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden betracht zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden betrachten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden betrachten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden betrachten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt betracht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt betracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt betracht zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt betrachten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen betracht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen betracht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen betracht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen betracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen betracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen betracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen betracht zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen betracht zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen betracht zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen betrachten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen betrachten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen betrachten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen betrachten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult betracht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult betracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult betracht zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult betrachten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van trachten met het voorvoegsel be-, in de betekenis van ‘in acht nemen’ voor het eerst aangetroffen in 1622. Vermoedelijk mede onder invloed van het gelijkluidende Duitse werkwoord in gebruik geraakt.

Woordfamilie van betrachten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
betracht voltooid deelwoord betrachten
betrachte aanvoegende wijs betrachten
betrachtend onvoltooid deelwoord betrachten
betrachtende woordvorm betrachten
betrachtte verleden tijd betrachten
betrachtten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon betrachten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van betrachten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over betrachten

Hoe spreek je betrachten uit?
De uitspraak van betrachten is: /bəˈtrɑxtə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent betrachten?
Betrachten is een werkwoord. Het woord betekent: nauwgezet in acht nemen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je betrachten?
Je vervoegt betrachten als volgt: de tegenwoordige tijd is betracht, de verleden tijd is betrachtte en het voltooid deelwoord is betracht. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op betrachten?

Er staan 29 woorden in dit woordenboek die op betrachten rijmen, waaronder achten, verwachten en wachten. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op betrachten, uitspraak bəˈtrɑxtən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
achten 2
verwachten 3
wachten 2
bevrachten 3
verachten 3
verkrachten 3
overnachten 4
verpachten 3
versmachten 3
aandrijfkrachten 4
ambtsoverdrachten 5
ankerwachten 4
bachten 2
dachten 2
detectivegeslachten 7
detectivenachten 6
elandjachten 4
gedachten 3
hazenjachten 4
hondenwachten 4
kerstgedachten 4
misachten 3
overtuigingskrachten 6
robbenjachten 4
schapenvachten 4
vachten 2
ventilatieschachten 6
vrachten 2
wrijvingskrachten 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord betrachten is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. T 2
  4. R 2
  5. A 1
  6. C 5
  7. H 4
  8. T 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

betrachten levert met Wordfeud minimaal 23 en maximaal 99 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. T 2
  4. R 2
  5. A 1
  6. C 5
  7. H 4
  8. T 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 23 zonder bonus
  12. 99 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

betrachten in het kort

betrachten staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van betrachten zijn 73 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort betrachten bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

betrachten: nauwgezet in acht nemen
Deel betrachten — standaardnederlands.nl