Naar de inhoud

snoeien

planten terugbrengen op gewenste lengte

snoeien

werkwoord ˈsnujə(n)

Betekenis

  1. planten terugbrengen op gewenste lengte

Hoe spreek je snoeien uit?

/ˈsnujən/

Snoeien bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈsnujən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
n nek
u boek
j ja
ə de
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. terugbrengen op gewenste lengte transitive
  2. uitermate, heel erg informal, intensifier, prefix
  3. onderzoeken op de aanwezigheid van zaken waar je belang in stelt transitive
  4. gretig opeten vanwege de smaak obsolete, transitive

Vervoeging van snoeien

snoeienhele werkwoord — snoeideverleden tijd enkelvoud — snoeidenverleden tijd meervoud — gesnoeidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik snoei snoeide
jij snoeit snoeide
hij, zij, het snoeit snoeide
wij snoeien snoeiden
jullie snoeien snoeiden
zij snoeien snoeiden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gesnoeid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gesnoeid impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gesnoeid impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gesnoeid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gesnoeid worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gesnoeid zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gesnoeid worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gesnoeid zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gesnoeid verleden tijd, deelwoord
gesnoeid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesnoeid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gesnoeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gesnoeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gesnoeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gesnoeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gesnoeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gesnoeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gesnoeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gesnoeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesnoeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gesnoeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesnoeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gesnoeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gesnoeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesnoeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesnoeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
snoei gebiedende wijs
snoeide verleden tijd
snoeie aanvoegende wijs
snoeiend onvoltooid, deelwoord
te hebben gesnoeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te snoeien actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen snoeien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gesnoeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesnoeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gesnoeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal snoeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal snoeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal snoeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gesnoeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesnoeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesnoeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou snoeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou snoeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou snoeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gesnoeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesnoeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesnoeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden snoeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden snoeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden snoeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gesnoeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt snoeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gesnoeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesnoeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesnoeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen snoeien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen snoeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen snoeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen snoeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gesnoeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult snoeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

van Middelnederlands snoeyen, in de betekenis van ‘inkorten (van takken)’ aangetroffen vanaf jaar 1367 **[2] klanknabootsing van een krachtige beweging **[3], [4] misschien verwant met snaaien ww

Woordfamilie van snoeien

Woordvorm Relatie Afgeleid van
snoeide verleden tijd snoeien
snoeiden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon snoeien
snoeie aanvoegende wijs snoeien
snoeiend onvoltooid deelwoord snoeien
snoeiende woordvorm snoeien
snoeit aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon snoeien

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van snoeien zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over snoeien

Hoe spreek ik snoeien uit?
Zo spreek je snoeien uit: /ˈsnujə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van snoeien?
Snoeien is een werkwoord. De betekenis is: planten terugbrengen op gewenste lengte. In totaal staan er 5 betekenissen.
Hoe vervoeg ik snoeien?
Zo vervoeg je snoeien zo: de tegenwoordige tijd is snoei, de verleden tijd is snoeide en het voltooid deelwoord is gesnoeid. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op snoeien?

Op snoeien rijmen 12 woorden, onder andere bemoeien, besnoeien en loeien. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op snoeien, uitspraak ˈsnujən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
bemoeien 3
besnoeien 3
loeien 2
sproeien 2
vloeien 2
verfoeien 3
stoeien 2
doeien 2
dubbelkoeien 4
koeien 2
markeringsboeien 5
volgroeien 3

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord snoeien is 8 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. N 1
  3. O 1
  4. E 1
  5. I 1
  6. E 1
  7. N 1
  8. 8 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

snoeien levert met Wordfeud minimaal 9 en maximaal 79 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. N 1
  3. O 1
  4. E 1
  5. I 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 9 zonder bonus
  9. 79 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (S) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

snoeien telt 7 letters, waarvan 5 verschillende, want 2 letters komen er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

snoeien in het kort

snoeien staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 5 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van snoeien staan er 40 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort snoeien bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

snoeien: planten terugbrengen op gewenste lengte
Deel snoeien — standaardnederlands.nl