onderschatten
werkwoord ˌɔndərˈsxɑtə(n)Betekenis
- de fout maken iets kleiner, dommer, zwakker of van kleiner belang in te schatten dan het in werkelijkheid blijkt
Hoe spreek je onderschatten uit?
/ˌɔndərˈsxɑtən/
Onderschatten bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| n | nek |
| d | dak |
| ə | de |
| r | rood |
| s | sok |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| t | tak |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van onderschatten
onderschattenhele werkwoord — onderschatteverleden tijd enkelvoud — onderschatvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | onderschat | onderschatte |
| jij | onderschat | onderschatte |
| hij, zij, het | onderschat | onderschatte |
| wij | onderschatten | — |
| jullie | onderschatten | — |
| zij | onderschatten | — |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is onderschat | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was onderschat | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd onderschat | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt onderschat | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal onderschat worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal onderschat zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou onderschat worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou onderschat zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had onderschat | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had onderschat | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden onderschat | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden onderschat | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben onderschat | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| onderschat | gebiedende wijs |
| onderschat | verleden tijd, deelwoord |
| onderschat te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| onderschat te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| onderschat te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderschat te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderschat te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderschat worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| onderschat zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| onderschat zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderschat zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderschat zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderschatte | verleden tijd |
| onderschatte | aanvoegende wijs |
| onderschattend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben onderschat | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te onderschatten | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen onderschatten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren onderschat | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren onderschat | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was onderschat | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was onderschat | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderschatten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud verleden tijd van onderschatten
Vervoeging van onderschatten
onderschattenhele werkwoord — onderschatteverleden tijd enkelvoud — onderschatvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | onderschat | onderschatte |
| jij | onderschat | onderschatte |
| hij, zij, het | onderschat | onderschatte |
| wij | onderschatten | — |
| jullie | onderschatten | — |
| zij | onderschatten | — |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is onderschat | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was onderschat | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd onderschat | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt onderschat | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal onderschat worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal onderschat zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou onderschat worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou onderschat zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had onderschat | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had onderschat | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden onderschat | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden onderschat | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben onderschat | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| onderschat | gebiedende wijs |
| onderschat | verleden tijd, deelwoord |
| onderschat te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| onderschat te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| onderschat te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderschat te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderschat te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| onderschat worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| onderschat zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| onderschat zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderschat zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderschat zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| onderschatte | verleden tijd |
| onderschatte | aanvoegende wijs |
| onderschattend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben onderschat | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te onderschatten | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen onderschatten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren onderschat | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren onderschat | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was onderschat | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was onderschat | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was onderschat | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt onderschat | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt onderschat | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt onderschat | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt onderschat hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderschat zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen onderschatten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult onderschat hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderschat worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderschat zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult onderschatten | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van onder bw en schatten ww
Woordfamilie van onderschatten
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onderschat | voltooid deelwoord | onderschatten |
| onderschatte | verleden tijd | onderschatten |
| onderschattend | onvoltooid deelwoord | onderschatten |
| onderschattende | woordvorm | onderschatten |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onderschatten zijn vastgelegd.