olympiade
zelfstandig naamwoord olɪmpiˈjadəBetekenis
- een periode in de Griekse oudheid van vier jaar, waarin men zich vroeger voorbereidde op de Olympische Spelen
- moderne olympische spelen
- grote internationale wedstrijd op een bepaald wetenschapsgebied of niet-olympische sport
Hoe spreek je olympiade uit?
/olɪmpiˈjadə/
Olympiade bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| o | boot |
| l | land |
| ɪ | pit |
| m | maan |
| p | pak |
| i | riet |
| j | ja |
| a | maan |
| d | dak |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- periode in de Griekse oudheid van vier jaar, waarin men zich vroeger voorbereidde op de Olympische Spelen
- moderne Olympische Spelen zoals die telkens na een periode van vier jaar worden gehouden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| olympiaden | meervoud |
| olympiades | meervoud |
Herkomst
van Frans olympiade, dat teruggaat op Latijn Olympiadis (genitief van Olympias zn ) en Oudgrieks Ὀλυμπιάδες (Olumpiádes) (genitief van Ὀλυμπία) (Olumpía): "van de olympiade"; in de betekenis van ‘vierjaarlijkse internationale sportwedstrijd, tijdvak van vier jaar’ aangetroffen vanaf 1824
Woordfamilie van olympiade
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| olympiaden | meervoud | olympiade |
| olympiades | meervoud | olympiade |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van olympiade zijn vastgelegd.