knikkebollen
werkwoord ˈknɪkəˌbɔlə(n)Betekenis
- zittend half in slaap vallen
Hoe spreek je knikkebollen uit?
/ˈknɪkəˌbɔlən/
Knikkebollen bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| n | nek |
| ɪ | pit |
| ə | de |
| b | bak |
| ɔ | bot |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Vervoeging van knikkebollen
knikkebollenhele werkwoord — knikkeboldeverleden tijd enkelvoud — knikkeboldenverleden tijd meervoud — geknikkeboldvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | knikkebol | knikkebolde |
| jij | knikkebolt | knikkebolde |
| hij, zij, het | knikkebolt | knikkebolde |
| wij | knikkebollen | knikkebolden |
| jullie | knikkebollen | knikkebolden |
| zij | knikkebollen | knikkebolden |
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ev. | gebiedende wijs |
| geknikkebold | verleden tijd, deelwoord |
| geknikkebold te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geknikkebold zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had geknikkebold | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had geknikkebold | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had geknikkebold | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden geknikkebold | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden geknikkebold | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden geknikkebold | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt geknikkebold | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb geknikkebold | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geknikkebold | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben geknikkebold | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geknikkebold | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben geknikkebold | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt geknikkebold | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geknikkebold | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geknikkebold | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| knikkebol | gebiedende wijs |
| knikkebolde | verleden tijd |
| knikkebolle | aanvoegende wijs |
| knikkebollend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben geknikkebold | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te knikkebollen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen knikkebollen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal geknikkebold hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geknikkebold hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal geknikkebold hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zou geknikkebold hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geknikkebold hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geknikkebold hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden geknikkebold hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geknikkebold hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geknikkebold hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt geknikkebold hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen geknikkebold hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geknikkebold hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geknikkebold hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen knikkebollen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult geknikkebold hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult knikkebollen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
In de betekenis van ‘dommelend knikken’ voor het eerst aangetroffen in 1573
Woordfamilie van knikkebollen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geknikkebold | voltooid deelwoord | knikkebollen |
| knikkebol | gebiedende wijs | knikkebollen |
| knikkebolde | verleden tijd | knikkebollen |
| knikkebolden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | knikkebollen |
| knikkebolle | aanvoegende wijs | knikkebollen |
| knikkebollend | onvoltooid deelwoord | knikkebollen |
| knikkebollende | woordvorm | knikkebollen |
| knikkebolt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | knikkebollen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van knikkebollen zijn vastgelegd.