Naar de inhoud

rollen

zich wentelend over een oppervlak bewegen

rollen is meer dan één woord

rollen

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈrɔlə(n)

Betekenis

  1. zich wentelend over een oppervlak bewegen
  2. Met rollen wordt in de luchtvaart een beweging om de langsas aangeduid.
  3. (van een schip:) een combinatie van stampen en slingeren
  4. stelen (uit iemands kleding), zakkenrollen

Hoe spreek je rollen uit?

/ˈrɔlən/

Rollen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈrɔlən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
r rood
ɔ bot
l land
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. een combinatie van stampen en slingeren unergative

Vervoeging van rollen

rollenhele werkwoord — roldeverleden tijd enkelvoud — roldenverleden tijd meervoud — geroldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik rol rolde
jij rolt rolde
hij, zij, het rolt rolde
wij rollen rolden
jullie rollen rolden
zij rollen rolden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gerold voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gerold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gerold impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gerold impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gerold impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gerold impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gerold worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gerold zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gerold worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gerold zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gerold verleden tijd, deelwoord
gerold te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gerold te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gerold te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerold te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerold te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerold worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gerold zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gerold zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gerold zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gerold zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gerold voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gerold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gerold voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gerold voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gerold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gerold voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gerold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gerold voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gerold actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gerold voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gerold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gerold voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gerold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gerold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gerold voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gerold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gerold voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
rol gebiedende wijs
rolde verleden tijd
rolle aanvoegende wijs
rollend onvoltooid, deelwoord
te hebben gerold actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te rollen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen rollen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gerold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gerold voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gerold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gerold voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gerold voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gerold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gerold voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gerold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gerold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gerold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gerold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gerold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gerold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gerold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gerold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gerold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gerold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gerold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gerold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gerold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gerold hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerold hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gerold hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gerold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gerold zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerold zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal rollen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal rollen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal rollen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gerold voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gerold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gerold voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gerold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gerold hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerold hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerold hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gerold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gerold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerold zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerold zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerold zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou rollen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou rollen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou rollen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gerold hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gerold hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gerold hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gerold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gerold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gerold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gerold zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gerold zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gerold zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden rollen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden rollen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden rollen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gerold hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gerold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gerold zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt rollen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gerold hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gerold hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gerold hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gerold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gerold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gerold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gerold zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gerold zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gerold zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen rollen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen rollen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen rollen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen rollen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gerold hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gerold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gerold zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult rollen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord rol

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘zich wentelend voortbewegen’ voor het eerst aangetroffen in 1285

Woordfamilie van rollen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gerold voltooid deelwoord rollen
gerolde woordvorm rollen
rolde verleden tijd rollen
rolden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon rollen
rolle aanvoegende wijs rollen
rolt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon rollen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rollen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over rollen

Hoe spreek ik rollen uit?
Zo spreek je rollen uit: /ˈrɔlə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van rollen?
Rollen is een werkwoord. De betekenis is: zich wentelend over een oppervlak bewegen. In totaal staan er 5 betekenissen.
Hoe vervoeg ik rollen?
Zo vervoeg je rollen zo: de tegenwoordige tijd is rol, de verleden tijd is rolde en het voltooid deelwoord is gerold. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op rollen?

Er staan 18 woorden in dit woordenboek die op rollen rijmen, waaronder hollen, stollen en drollen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op rollen, uitspraak ˈrɔlən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
hollen 2
stollen 2
drollen 2
knikkebollen 4
nollen 2
crawlen 2
pollen 2
krollen 2
aangezwollen 4
appelbollen 4
berlinerbollen 5
cambridgerollen 4
chocoladesnollen 6
gezwollen 3
nougatbollen 4
schadeprotocollen 6
soezebollen 4
veiligheidsprotocollen 7

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord rollen is 11 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. R 2
  2. O 1
  3. L 3
  4. L 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

rollen levert met Wordfeud minimaal 11 en maximaal 51 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. R 2
  2. O 1
  3. L 3
  4. L 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 zonder bonus
  8. 51 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

rollen telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

rollen in het kort

rollen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 5 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van rollen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort rollen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

rollen: zich wentelend over een oppervlak bewegen
Deel rollen — standaardnederlands.nl