kaas
zelfstandig naamwoord, werkwoord kasBetekenis
- voedingsproduct gemaakt van gestremde melk
- blanke Nederlander
Hoe spreek je kaas uit?
/kas/
Kaas bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| a | maan |
| s | sok |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kaasje | verkleinwoord, enkelvoud |
| kaasjes | verkleinwoord, meervoud |
| kazen | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kazen
- gebiedende wijs van kazen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kazen
Vervoeging van kaas
kaashele werkwoord
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘zuivelproduct’ voor het eerst aangetroffen in 1240
Woordfamilie van kaas
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kaasje | verkleinwoord | kaas |
| kaasjes | verkleinwoord meervoud | kaas |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kaas zijn vastgelegd.