insluiten
werkwoord ˈɪnslœytə(n)Betekenis
- opsluiten in iets
- iets omgeven
- iets bijvoegen
Hoe spreek je insluiten uit?
/ˈɪnslœytən/
Insluiten bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɪ | pit |
| n | nek |
| s | sok |
| l | land |
| œy | huis |
| t | tak |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van insluiten
insluitenhele werkwoord — sloot inverleden tijd enkelvoud — sloten inverleden tijd meervoud — ingeslotenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | sluit in | sloot in |
| jij | sluit in | sloot in |
| hij, zij, het | sluit in | sloot in |
| wij | sluiten in | sloten in |
| jullie | sluiten in | sloten in |
| zij | sluiten in | sloten in |
Alle 144 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is ingesloten | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was ingesloten | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd ingesloten | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt ingesloten | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal ingesloten worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal ingesloten zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou ingesloten worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou ingesloten zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had ingesloten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had ingesloten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had ingesloten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden ingesloten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden ingesloten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden ingesloten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt ingesloten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben ingesloten | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| in te sluiten | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| in te zullen sluiten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| in zal sluiten | bijzin, toekomende tijd |
| in zou sluiten | bijzin, voorwaardelijk |
| in zouden sluiten | bijzin, voorwaardelijk |
| in zoudt sluiten | bijzin, voorwaardelijk |
| in zullen sluiten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| in zullen sluiten | bijzin, toekomende tijd |
| in zult sluiten | bijzin, toekomende tijd |
| ingesloten | verleden tijd, deelwoord |
| ingesloten te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| ingesloten te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| ingesloten te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| ingesloten te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| ingesloten te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| ingesloten worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| ingesloten zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| ingesloten zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| ingesloten zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| ingesloten zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| insloot | bijzin, verleden tijd |
| insloten | bijzin, verleden tijd |
| insluit | bijzin, tegenwoordige tijd |
| insluitend | onvoltooid, deelwoord |
| is ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| sloot in | verleden tijd |
| sluit in | gebiedende wijs |
| te hebben ingesloten | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen insluiten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart ingesloten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren ingesloten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren ingesloten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren ingesloten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was ingesloten | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was ingesloten | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was ingesloten | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt ingesloten | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal ingesloten hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal ingesloten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal ingesloten hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal ingesloten zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal ingesloten zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal insluiten | bijzin, toekomende tijd |
| zijn ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt ingesloten | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou ingesloten hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou ingesloten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou ingesloten hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou ingesloten zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou ingesloten zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou ingesloten zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou insluiten | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) insluiten in zou(dt) sluiten | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden ingesloten hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden ingesloten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden ingesloten hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden ingesloten zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden ingesloten zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden ingesloten zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden insluiten | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt ingesloten hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt ingesloten zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt insluiten | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen ingesloten hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen ingesloten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen ingesloten hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen ingesloten zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen ingesloten zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen ingesloten zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen insluiten | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen insluiten | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen insluiten | bijzin, toekomende tijd |
| zult ingesloten hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult ingesloten worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van in bw en sluiten ww
Woordfamilie van insluiten
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ingesloten | voltooid deelwoord | insluiten |
| insloot | subordinate-clause, verleden tijd | insluiten |
| insloten | subordinate-clause, verleden tijd | insluiten |
| insluit | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | insluiten |
| insluite | with-subordinate-clause | insluiten |
| insluitend | onvoltooid deelwoord | insluiten |
| insluitende | woordvorm | insluiten |
| sloot in | verleden tijd | insluiten |
| sloten in | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | insluiten |
| sluit in | gebiedende wijs | insluiten |
| sluite in | woordvorm | insluiten |
| sluiten in | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | insluiten |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van insluiten zijn vastgelegd.