databank
zelfstandig naamwoord ˈdataˌbɑŋkBetekenis
- een plaats waar informatie over bepaalde onderwerpen in digitale vorm verzameld, opgeslagen en geconsulteerd kan worden
Hoe spreek je databank uit?
/ˈdataˌbɑŋk/
Databank bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| a | maan |
| t | tak |
| b | bak |
| ɑ | bad |
| ŋ | ding |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| databanken | meervoud |
| databankje | verkleinwoord, enkelvoud |
| databankjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
contaminatie van het Engelse database en het Nederlandse gegevensbank
Woordfamilie van databank
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| databanken | meervoud | databank |
| databankje | verkleinwoord | databank |
| databankjes | verkleinwoord meervoud | databank |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van databank zijn vastgelegd.