Naar de inhoud

besteden

schaarse middelen (bijvoorbeeld geld, tijd of moeite) een bestemming geven

besteden

werkwoord /bəˈstedə(n)/

Betekenis

  1. schaarse middelen (bijvoorbeeld geld, tijd of moeite) een bestemming geven

Hoe spreek je besteden uit?

/bəˈstedən/

Besteden bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /bəˈstedən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
b bak
ə de
s sok
t tak
e veel
d dak
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van besteden

bestedenhele werkwoord — besteeddeverleden tijd enkelvoud — besteeddenverleden tijd meervoud — besteedvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik besteed besteedde
jij besteedt besteedde
hij, zij, het besteedt besteedde
wij besteden besteedden
jullie besteden besteedden
zij besteden besteedden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben besteed voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent besteed voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
bestede aanvoegende wijs
bestedend onvoltooid, deelwoord
besteed gebiedende wijs
besteed verleden tijd, deelwoord
besteed te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
besteed te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
besteed te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
besteed te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
besteed te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
besteed worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
besteed zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
besteed zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
besteed zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
besteed zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
besteedde verleden tijd
er is besteed impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was besteed impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd besteed impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt besteed impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal besteed worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal besteed zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou besteed worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou besteed zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had besteed voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had besteed voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had besteed voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden besteed voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden besteed voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden besteed voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt besteed voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb besteed voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben besteed actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben besteed voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben besteed voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben besteed voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt besteed voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft besteed voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft besteed voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is besteed voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is besteed voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te besteden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben besteed actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen besteden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart besteed voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren besteed voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren besteed voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren besteed voltooid, verleden tijd, derde persoon
was besteed voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was besteed voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was besteed voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd besteed enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd besteed enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd besteed enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden besteed enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden besteed enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden besteed enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt besteed enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word besteed enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden besteed enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden besteed enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden besteed enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt besteed enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt besteed enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal besteden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal besteden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal besteden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal besteed hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal besteed hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal besteed hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal besteed worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal besteed worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal besteed zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal besteed zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn besteed voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn besteed voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn besteed voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt besteed voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou besteden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou besteden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou besteden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou besteed hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou besteed hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou besteed hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou besteed worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou besteed worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou besteed worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou besteed zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou besteed zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou besteed zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden besteden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden besteden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden besteden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden besteed hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden besteed hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden besteed hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden besteed worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden besteed worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden besteed worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden besteed zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden besteed zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden besteed zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt besteden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt besteed hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt besteed worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt besteed zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen besteden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen besteden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen besteden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen besteden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen besteed hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen besteed hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen besteed hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen besteed worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen besteed worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen besteed worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen besteed zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen besteed zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen besteed zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult besteden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult besteed hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult besteed worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult besteed zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘gebruiken voor’ voor het eerst aangetroffen in 1277

Woordfamilie van besteden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bestedend onvoltooid deelwoord besteden
bestedende woordvorm besteden
besteedde verleden tijd besteden
besteedden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon besteden
besteedt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon besteden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van besteden zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over besteden

Hoe spreek ik besteden uit?
Zo spreek je besteden uit: /bəˈstedə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van besteden?
Besteden is een werkwoord. De betekenis is: schaarse middelen (bijvoorbeeld geld, tijd of moeite) een bestemming geven.
Hoe vervoeg ik besteden?
Zo vervoeg je besteden zo: de tegenwoordige tijd is besteed, de verleden tijd is besteedde en het voltooid deelwoord is besteed. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op besteden?

Op besteden rijmen 61 woorden, onder andere leden, zweden en beneden. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op besteden, uitspraak bəˈstedən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
leden 2
zweden 2
beneden 3
geleden 3
ontevreden 4
aanbesteden 4
bekleden 3
reden 2
kleden 2
treden 2
overleden 4
tevreden 3
heden 2
schrijfbenodigdheden 6
betreden 3
overreden 4
benodigdheden 5
weersomstandigheden 6
hierbeneden 4
zielstevreden 4
aanbeden 3
aandachtigheden 5
aangereden 4
aangeschreden 4
aangesneden 4
aangetreden 4
aanhaligheden 5
aanhankelijkheden 6
aanlokkelijkheden 6
aannemelijkheden 6
aansprakelijkheden 6
aantrekkelijkheden 6
achttiengebeden 5
blokgereden 4
controlemogelijkheden 8
deden 2
eden 2
familieomstandigheden 7
fractieleden 4
gereden 3
Nog 21 rijmwoorden
helderheden 4
inspraakmogelijkheden 7
intevreden 4
keizersneden 4
mediapersoonlijkheden 8
middaggebeden 5
namiddaggebeden 6
onaangenaamheden 6
onontkoombaarheden 6
privéoptreden 4
redactieleden 5
reddingswerkzaamheden 7
schoonheden 3
sluitingsplechtigheden 6
sneden 2
steden 2
uitzinnigheden 5
voortreffelijkheden 6
weden 2
woonomstandigheden 6
zwartgereden 4

Scrabble punten

Naar spel

Het woord besteden is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. S 2
  4. T 2
  5. E 1
  6. D 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

besteden levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 66 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. S 2
  4. T 2
  5. E 1
  6. D 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 14 zonder bonus
  10. 66 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

besteden in het kort

besteden staat in dit woordenboek als werkwoord. Van besteden staan er 74 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort besteden bij een woordfamilie van 5 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

besteden: schaarse middelen (bijvoorbeeld geld, tijd of moeite) een bestemming geven
Deel besteden — standaardnederlands.nl