Naar de inhoud

terechtbrengen

in orde brengen

terechtbrengen

werkwoord

Betekenis

  1. in orde brengen

Vervoeging van terechtbrengen

terechtbrengenhele werkwoord — bracht terechtverleden tijd enkelvoud — brachten terechtverleden tijd meervoud — terechtgebrachtvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik breng terecht bracht terecht
jij brengt terecht bracht terecht
hij, zij, het brengt terecht bracht terecht
wij brengen terecht brachten terecht
jullie brengen terecht brachten terecht
zij brengen terecht brachten terecht
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
bracht terecht verleden tijd
breng terecht gebiedende wijs
er is terechtgebracht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was terechtgebracht impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd terechtgebracht impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt terechtgebracht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal terechtgebracht worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal terechtgebracht zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou terechtgebracht worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou terechtgebracht zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had terechtgebracht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had terechtgebracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had terechtgebracht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden terechtgebracht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden terechtgebracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden terechtgebracht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt terechtgebracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben terechtgebracht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben terechtgebracht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen terechtbrengen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
terecht te brengen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
terecht te zullen brengen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
terecht zal brengen bijzin, toekomende tijd
terecht zou brengen bijzin, voorwaardelijk
terecht zouden brengen bijzin, voorwaardelijk
terecht zoudt brengen bijzin, voorwaardelijk
terecht zullen brengen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
terecht zullen brengen bijzin, toekomende tijd
terecht zult brengen bijzin, toekomende tijd
terechtbracht bijzin, verleden tijd
terechtbrachten bijzin, verleden tijd
terechtbreng bijzin, tegenwoordige tijd
terechtbrengend onvoltooid, deelwoord
terechtbrengt bijzin, tegenwoordige tijd
terechtgebracht verleden tijd, deelwoord
terechtgebracht te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
terechtgebracht te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
terechtgebracht te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
terechtgebracht te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
terechtgebracht te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
terechtgebracht worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
terechtgebracht zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
terechtgebracht zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
terechtgebracht zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
terechtgebracht zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
waart terechtgebracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren terechtgebracht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren terechtgebracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren terechtgebracht voltooid, verleden tijd, derde persoon
was terechtgebracht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was terechtgebracht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was terechtgebracht voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt terechtgebracht enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal terechtbrengen bijzin, toekomende tijd
zal terechtgebracht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal terechtgebracht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal terechtgebracht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal terechtgebracht zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal terechtgebracht zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt terechtgebracht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou terechtbrengen bijzin, voorwaardelijk
zou terechtgebracht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou terechtgebracht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou terechtgebracht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou terechtgebracht zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou terechtgebracht zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou terechtgebracht zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) terechtbrengen terecht zou(dt) brengen bijzin, voorwaardelijk
zouden terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden terechtbrengen bijzin, voorwaardelijk
zouden terechtgebracht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden terechtgebracht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden terechtgebracht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden terechtgebracht zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden terechtgebracht zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden terechtgebracht zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt terechtbrengen bijzin, voorwaardelijk
zoudt terechtgebracht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt terechtgebracht zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen terechtbrengen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen terechtbrengen bijzin, toekomende tijd
zullen terechtgebracht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen terechtgebracht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen terechtgebracht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen terechtgebracht worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen terechtgebracht zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen terechtgebracht zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen terechtgebracht zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult terechtbrengen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van terecht en brengen

Woordfamilie van terechtbrengen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bracht terecht verleden tijd terechtbrengen
brachten terecht aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon terechtbrengen
breng terecht gebiedende wijs terechtbrengen
brenge terecht woordvorm terechtbrengen
brengen terecht aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon terechtbrengen
brengt terecht aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon terechtbrengen
terechtbracht subordinate-clause, verleden tijd terechtbrengen
terechtbrachten subordinate-clause, verleden tijd terechtbrengen
terechtbreng subordinate-clause, tegenwoordige tijd terechtbrengen
terechtbrenge with-subordinate-clause terechtbrengen
terechtbrengend onvoltooid deelwoord terechtbrengen
terechtbrengende woordvorm terechtbrengen
terechtbrengt subordinate-clause, tegenwoordige tijd terechtbrengen
terechtgebracht voltooid deelwoord terechtbrengen
terechtgebrachte woordvorm terechtbrengen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van terechtbrengen zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over terechtbrengen

Wat betekent terechtbrengen?
Terechtbrengen is een werkwoord. Het woord betekent: in orde brengen.
Hoe vervoeg je terechtbrengen?
Je vervoegt terechtbrengen als volgt: het voltooid deelwoord is terechtgebracht. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord terechtbrengen is 29 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. T 2
  2. E 1
  3. R 2
  4. E 1
  5. C 5
  6. H 4
  7. T 2
  8. B 3
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. G 3
  13. E 1
  14. N 1
  15. 29 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

terechtbrengen levert met Wordfeud minimaal 30 en maximaal 120 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. T 2
  2. E 1
  3. R 2
  4. E 1
  5. C 5
  6. H 4
  7. T 2
  8. B 4
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. G 3
  13. E 1
  14. N 1
  15. 30 zonder bonus
  16. 120 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

terechtbrengen in het kort

terechtbrengen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van terechtbrengen zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort terechtbrengen bij een woordfamilie van 15 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

terechtbrengen: in orde brengen
Deel terechtbrengen — standaardnederlands.nl