sleep
zelfstandig naamwoord, werkwoord slepBetekenis
- datgene wat gesleept wordt
- een lange voortzetting van een jurk of rok die over de grond sleept
- slapen
Hoe spreek je sleep uit?
/slep/
Sleep bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| l | land |
| e | veel |
| p | pak |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| sleepje | verkleinwoord, enkelvoud |
| sleepjes | verkleinwoord, meervoud |
| slepen | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van slepen
- gebiedende wijs van slepen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van slepen
Vervoeging van sleep
sleephele werkwoord
Woordvorm
- enkelvoud verleden tijd van slijpen
Vervoeging van sleep
sleephele werkwoord
Herkomst
van Middelnederlands sleep, naamwoord van handeling van slepen ww
Woordfamilie van sleep
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| sleepje | verkleinwoord | sleep |
| sleepjes | verkleinwoord meervoud | sleep |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van sleep zijn vastgelegd.