reep
zelfstandig naamwoord, werkwoord repBetekenis
- een naar verhouding smalle maar lange strook materiaal die ergens van afgesneden of afgebroken is
- in het bijzonder: een langwerpig stuk chocolade
Hoe spreek je reep uit?
/rep/
Reep bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| e | veel |
| p | pak |
zelfstandig naamwoord — masculine
- smalle strook licht
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| reepje | verkleinwoord, enkelvoud |
| reepjes | verkleinwoord, meervoud |
| repen | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van repen
- gebiedende wijs van repen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van repen
Vervoeging van reep
reephele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘smalle strook’ voor het eerst aangetroffen in 726
Woordfamilie van reep
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| reepje | verkleinwoord | reep |
| reepjes | verkleinwoord meervoud | reep |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van reep zijn vastgelegd.