streep
zelfstandig naamwoord, werkwoord strepBetekenis
- een min of meer rechte getrokken lijn of lijnstuk
- een begrenzing die niet overtreden dient te worden
- koppelteken
- toiletbezoek
Hoe spreek je streep uit?
/strep/
Streep bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| t | tak |
| r | rood |
| e | veel |
| p | pak |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- lijnvormig patroon, motief
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| streepje | verkleinwoord, enkelvoud |
| streepjes | verkleinwoord, meervoud |
| strepen | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van strepen
- gebiedende wijs van strepen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van strepen
Vervoeging van streep
streephele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘lijn’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 918
Woordfamilie van streep
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| streepjes | verkleinwoord meervoud | streep |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van streep zijn vastgelegd.