Naar de inhoud

pleuren

smijten, met kracht maar weinig zorgzaam plaatsen

pleuren

werkwoord /ˈplørə(n)/

Betekenis

  1. smijten, met kracht maar weinig zorgzaam plaatsen
  2. vallen, vaak met veel geweld

Hoe spreek je pleuren uit?

/ˈplørən/

Pleuren bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈplørən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
p pak
l land
ø deur
r rood
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van pleuren

pleurenhele werkwoord — pleurdeverleden tijd enkelvoud — pleurdenverleden tijd meervoud — gepleurdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik pleur pleurde
jij pleurt pleurde
hij, zij, het pleurt pleurde
wij pleuren pleurden
jullie pleuren pleurden
zij pleuren pleurden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gepleurd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gepleurd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gepleurd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gepleurd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gepleurd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gepleurd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gepleurd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gepleurd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gepleurd verleden tijd, deelwoord
gepleurd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gepleurd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gepleurd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepleurd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepleurd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepleurd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gepleurd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gepleurd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gepleurd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gepleurd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gepleurd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gepleurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gepleurd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gepleurd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gepleurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gepleurd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gepleurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepleurd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
pleur gebiedende wijs
pleurde verleden tijd
pleure aanvoegende wijs
pleurend onvoltooid, deelwoord
te hebben gepleurd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te pleuren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen pleuren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gepleurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gepleurd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gepleurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gepleurd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gepleurd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gepleurd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gepleurd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gepleurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gepleurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gepleurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gepleurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gepleurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gepleurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gepleurd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gepleurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gepleurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gepleurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gepleurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gepleurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gepleurd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gepleurd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepleurd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gepleurd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gepleurd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepleurd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal pleuren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal pleuren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal pleuren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gepleurd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gepleurd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepleurd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepleurd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepleurd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepleurd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepleurd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou pleuren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou pleuren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou pleuren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gepleurd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepleurd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepleurd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gepleurd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepleurd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepleurd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden pleuren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden pleuren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden pleuren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gepleurd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gepleurd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt pleuren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gepleurd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepleurd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepleurd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gepleurd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepleurd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepleurd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen pleuren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen pleuren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen pleuren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen pleuren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gepleurd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gepleurd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gepleurd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult pleuren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘smijten’ voor het eerst aangetroffen in 1961

Woordfamilie van pleuren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gepleurd voltooid deelwoord pleuren
gepleurde woordvorm pleuren
pleurde verleden tijd pleuren
pleurden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon pleuren
pleure aanvoegende wijs pleuren
pleurend onvoltooid deelwoord pleuren
pleurende woordvorm pleuren
pleurt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon pleuren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pleuren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over pleuren

Hoe spreek je pleuren uit?
De uitspraak van pleuren is: /ˈplørə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent pleuren?
Pleuren is een werkwoord. Het woord betekent: smijten, met kracht maar weinig zorgzaam plaatsen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je pleuren?
Je vervoegt pleuren als volgt: de tegenwoordige tijd is pleur, de verleden tijd is pleurde en het voltooid deelwoord is gepleurd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op pleuren?

In dit woordenboek rijmen 16 woorden op -euren op pleuren, zoals verscheuren, bespeuren en zeuren. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op pleuren, uitspraak ˈplørən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
verscheuren 3
bespeuren 3
zeuren 2
kleuren 2
uitentreuren 4
geuren 2
meuren 2
fleuren 2
peuren 2
dennengeuren 4
deuren 2
eierlikeuren 5
fabrieksdirecteuren 6
kampersteuren 4
kerkdeuren 4
sportdirecteuren 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord pleuren is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. P 3
  2. L 3
  3. E 1
  4. U 4
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

pleuren levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 106 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. P 4
  2. L 3
  3. E 1
  4. U 2
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 106 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

pleuren telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

pleuren in het kort

pleuren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van pleuren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort pleuren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

pleuren: smijten, met kracht maar weinig zorgzaam plaatsen
Deel pleuren — standaardnederlands.nl