lessen
werkwoord, zelfstandig naamwoord /ˈlɛsə(n)/Betekenis
- met vocht de dorst beëindigen
- les nemen
Hoe spreek je lessen uit?
/ˈlɛsən/
Lessen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| ɛ | bed |
| s | sok |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van lessen
lessenhele werkwoord — lesteverleden tijd enkelvoud — lestenverleden tijd meervoud — gelestvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | les | leste |
| jij | lest | leste |
| hij, zij, het | lest | leste |
| wij | lessen | lesten |
| jullie | lessen | lesten |
| zij | lessen | lesten |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gelest | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gelest | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gelest | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gelest | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gelest worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gelest zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gelest worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gelest zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gelest | verleden tijd, deelwoord |
| gelest te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gelest te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gelest te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gelest te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gelest te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gelest worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gelest zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gelest zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gelest zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gelest zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gelest | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gelest | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gelest | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gelest | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gelest | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gelest | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gelest | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gelest | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| les | gebiedende wijs |
| lesse | aanvoegende wijs |
| lessend | onvoltooid, deelwoord |
| leste | verleden tijd |
| te hebben gelest | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te lessen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen lessen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gelest | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gelest | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gelest | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gelest | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gelest | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gelest | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gelest | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gelest | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gelest | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gelest | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gelest | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gelest | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gelest | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gelest | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gelest | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gelest | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gelest | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gelest | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gelest | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gelest | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gelest hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gelest hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gelest hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gelest zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gelest zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal lessen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal lessen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal lessen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gelest | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gelest hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gelest hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gelest hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gelest zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gelest zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gelest zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou lessen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou lessen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou lessen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gelest hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gelest hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gelest hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gelest zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gelest zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gelest zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden lessen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden lessen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden lessen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gelest hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gelest zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt lessen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gelest hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gelest hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gelest hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gelest zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gelest zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gelest zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen lessen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen lessen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen lessen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen lessen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gelest hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gelest worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gelest zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult lessen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord les
Herkomst
In de betekenis van ‘blussen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1350
Woordfamilie van lessen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gelest | voltooid deelwoord | lessen |
| geleste | woordvorm | lessen |
| lesse | aanvoegende wijs | lessen |
| lessend | onvoltooid deelwoord | lessen |
| lessende | woordvorm | lessen |
| lesten | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | lessen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lessen zijn vastgelegd.