essen
bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoord ˈɛsə(n)Betekenis
- gemaakt van het hout van de es
- eten
essen in een zin
- De tafel heeft een blad van massief essen hout.
- Hij timmerde een essen bank voor in de tuin.
- Onder de vloer lagen essen balken.
Let op: Als bijvoeglijk naamwoord staat essen alleen vóór het zelfstandig naamwoord en verandert het niet van vorm.
Hoe spreek je essen uit?
/ˈɛsən/
Essen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɛ | bed |
| s | sok |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| (alleen | onverbogen, stellende trap |
| attributief) | onverbogen, stellende trap |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord es
Herkomst
bn afgeleid van es zn met het achtervoegsel -en