gespannen
bijvoeglijk naamwoord, werkwoord, zelfstandig naamwoord ɣəˈspɑnə(n)Betekenis
- strak uitgerekt, gereed om met kracht in een eerdere toestand terug te keren
- in hoge mate werkzaam - (naar analogie van betekenis 1 bij trekdieren, aandrijfkettingen of tentdoeken)
- ongemakkelijk, blijk gevend van stress, het punt van (uit-)barsten naderend - (naar analogie van betekenis 1 bij boogpezen of ballonnen)
Hoe spreek je gespannen uit?
/xəˈspɑnən/
Gespannen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| ə | de |
| s | sok |
| p | pak |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gespannener | onverbogen, vergrotende trap |
| gespanneners | partitief, vergrotende trap |
| gespannens | partitief, stellende trap |
| gespannenst | onverbogen, overtreffende trap |
| gespannenste | verbogen, overtreffende trap |
Woordvorm
- voltooid deelwoord van spannen
Vervoeging van gespannen
gespannenhele werkwoord
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord gespan
Herkomst
*vervoeging van spannen: de stam met omvoegsel ge- -en
Woordfamilie van gespannen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gespannener | vergrotende trap | gespannen |
| gespanneners | partitieve vergrotende trap | gespannen |
| gespannens | partitive, positive | gespannen |
| gespannenst | uninflected, superlative | gespannen |
| gespannenste | inflected, superlative | gespannen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gespannen zijn vastgelegd.