Naar de inhoud

gapen

heel diep inademen met de mond ver open, moeilijk om bewust tegen te gaan

gapen is meer dan één woord

gapen

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈɣapə(n)

Betekenis

  1. heel diep inademen met de mond ver open, moeilijk om bewust tegen te gaan
  2. met open mond vol verwondering ergens naar kijken
  3. wijd openstaan

Hoe spreek je gapen uit?

/ˈxapən/

Gapen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈxapən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
x acht
a maan
p pak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. een groot gat/grote holte vertonen; wijd openstaan figuratively

Vervoeging van gapen

gapenhele werkwoord — gaapteverleden tijd enkelvoud — gaaptenverleden tijd meervoud — gegaaptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik gaap gaapte
jij gaapt gaapte
hij, zij, het gaapt gaapte
wij gapen gaapten
jullie gapen gaapten
zij gapen gaapten
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gaap gebiedende wijs
gaapte verleden tijd
gape aanvoegende wijs
gapend onvoltooid, deelwoord
gegaapt verleden tijd, deelwoord
gegaapt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegaapt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gegaapt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegaapt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegaapt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegaapt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegaapt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegaapt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegaapt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegaapt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegaapt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegaapt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegaapt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegaapt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegaapt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegaapt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegaapt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te gapen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegaapt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen gapen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gapen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal gapen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal gapen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gegaapt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegaapt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegaapt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou gapen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou gapen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou gapen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gegaapt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegaapt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegaapt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gapen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gapen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gapen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gegaapt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegaapt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegaapt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt gapen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gegaapt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen gapen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen gapen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gapen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gapen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gegaapt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegaapt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegaapt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult gapen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gegaapt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord gaap

Herkomst

In de betekenis van ‘de mond wijd openen’ voor het eerst aangetroffen in 1240

Woordfamilie van gapen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gaapt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon gapen
gaapte verleden tijd gapen
gaapten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon gapen
gape aanvoegende wijs gapen
gegaapt voltooid deelwoord gapen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gapen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over gapen

Hoe spreek ik gapen uit?
Zo spreek je gapen uit: /ˈɣapə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van gapen?
Gapen is een werkwoord. De betekenis is: heel diep inademen met de mond ver open, moeilijk om bewust tegen te gaan. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik gapen?
Zo vervoeg je gapen zo: de tegenwoordige tijd is gaap, de verleden tijd is gaapte en het voltooid deelwoord is gegaapt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op gapen?

Er staan 14 woorden in dit woordenboek die op gapen rijmen, waaronder wapen, slapen en aanvalswapen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op gapen, uitspraak ˈxapən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
wapen 2
slapen 2
aanvalswapen 4
japen 2
apegapen 4
verslapen 3
kernwapen 4
overslapen 4
apen 2
geslapen 3
grapen 2
schapen 2
wijfjesapen 4
zijdeapen 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord gapen is 9 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. A 1
  3. P 3
  4. E 1
  5. N 1
  6. 9 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

gapen levert met Wordfeud minimaal 10 en maximaal 54 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. A 1
  3. P 4
  4. E 1
  5. N 1
  6. 10 zonder bonus
  7. 54 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

gapen telt 5 letters, waarvan 5 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 6.487 woorden van 5 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

gapen in het kort

gapen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van gapen staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort gapen bij een woordfamilie van 5 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

gapen: heel diep inademen met de mond ver open, moeilijk om bewust tegen te gaan
Deel gapen — standaardnederlands.nl