familierecht
zelfstandig naamwoord faˈmiliˌrɛxtBetekenis
- civielrechtelijk rechtsgebied dat zich bezighoudt met afstamming, adoptie, huwelijk en echtscheiding en andere zaken in verband met de hoedanigheid, familiebetrekkingen en bevoegdheden van personen.
Hoe spreek je familierecht uit?
/faˈmiliˌrɛxt/
Familierecht bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| f | fiets |
| a | maan |
| m | maan |
| i | riet |
| l | land |
| r | rood |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| familierechten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van familie zn en recht zn
Woordfamilie van familierecht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| familierechten | meervoud | familierecht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van familierecht zijn vastgelegd.