drijven
werkwoordBetekenis
- op het oppervlakte van een vloeistof (voornamelijk water) rusten
- in de lucht zweven
- doornat zijn.
- iets of iemand voor zich uit doen bewegen
- plegen, (een zaak) leiden, uitoefenen, besturen
- slaan, (met kracht) inbrengen
- figuren op metaal uitkloppen, ciseleren
- aansporen, bewegen tot
- drijven tot: dwingen
werkwoord
- op het oppervlak van een vloeistof (voornamelijk water) rusten
- doorweekt zijn, erg nat zijn figuratively
Vervoeging van drijven
drijvenhele werkwoord — dreefverleden tijd enkelvoud — drevenverleden tijd meervoud — gedrevenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | drijf | dreef |
| jij | drijft | dreef |
| hij, zij, het | drijft | dreef |
| wij | drijven | dreven |
| jullie | drijven | dreven |
| zij | drijven | dreven |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| dreef | verleden tijd |
| drijf | gebiedende wijs |
| drijve | aanvoegende wijs |
| drijvend | onvoltooid, deelwoord |
| er is gedreven | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gedreven | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gedreven | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gedreven | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gedreven worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gedreven zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gedreven worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gedreven zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gedreven | verleden tijd, deelwoord |
| gedreven te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedreven te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedreven te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedreven te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedreven te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedreven worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedreven zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedreven zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedreven zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedreven zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gedreven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gedreven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gedreven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gedreven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gedreven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gedreven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gedreven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedreven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te drijven | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gedreven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen drijven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gedreven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedreven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gedreven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedreven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gedreven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gedreven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gedreven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gedreven | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gedreven | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gedreven | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gedreven | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gedreven | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gedreven | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gedreven | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gedreven | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gedreven | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gedreven | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gedreven | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gedreven | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gedreven | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal drijven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal drijven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal drijven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gedreven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedreven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gedreven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gedreven zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedreven zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gedreven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou drijven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou drijven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou drijven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gedreven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedreven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedreven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedreven zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedreven zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedreven zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden drijven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden drijven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden drijven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gedreven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedreven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedreven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedreven zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedreven zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedreven zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt drijven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gedreven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedreven zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen drijven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen drijven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen drijven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen drijven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gedreven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedreven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedreven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedreven zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedreven zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedreven zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult drijven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gedreven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedreven worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedreven zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
In de betekenis van ‘voor zich uit doen gaan’ voor het eerst aangetroffen in 1100
Woordfamilie van drijven
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dreeft | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, enkelvoud, 2e persoon | drijven |
| drijf | gebiedende wijs | drijven |
| drijft | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | drijven |
| drijve | aanvoegende wijs | drijven |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van drijven zijn vastgelegd.