danslerares
zelfstandig naamwoord ˈdɑnsleraˌrɛsBetekenis
- vrouw die anderen leert hoe ze sierlijk of expressief kunnen bewegen op muziek
Hoe spreek je danslerares uit?
/ˈdɑnsleraˌrɛs/
Danslerares bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| s | sok |
| l | land |
| e | veel |
| r | rood |
| a | maan |
| ɛ | bed |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Klinkt hetzelfde als dansleerares.
zelfstandig naamwoord
- vrouw die anderen leert hoe ze sierlijk of expressief kunnen bewegen op muziek, vrouwelijke vorm van dansleraar
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dansleerares | |
| dansleraressen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van dans zn en lerares zn ; in oude spelling aangetroffen vanaf 1895 (zie vindplaats hieronder)
Woordfamilie van danslerares
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dansleerares | woordvorm | danslerares |
| dansleraressen | meervoud | danslerares |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van danslerares zijn vastgelegd.