Naar de inhoud

creperen

vergaan van, hevig lijden

creperen

werkwoord

Betekenis

  1. vergaan van, hevig lijden
  2. versmachten, omkomen door gebrek
  3. touperen

Vervoeging van creperen

creperenhele werkwoord — crepeerdeverleden tijd enkelvoud — crepeerdenverleden tijd meervoud — gecrepeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik crepeer crepeerde
jij crepeert crepeerde
hij, zij, het crepeert crepeerde
wij creperen crepeerden
jullie creperen crepeerden
zij creperen crepeerden
Alle 127 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
crepeer gebiedende wijs
crepeerde verleden tijd
crepere aanvoegende wijs
creperend onvoltooid, deelwoord
er is gecrepeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gecrepeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gecrepeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gecrepeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gecrepeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gecrepeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gecrepeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gecrepeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gecrepeerd verleden tijd, deelwoord
gecrepeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gecrepeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gecrepeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecrepeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecrepeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gecrepeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gecrepeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gecrepeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gecrepeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gecrepeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gecrepeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gecrepeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gecrepeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gecrepeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gecrepeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gecrepeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gecrepeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gecrepeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kreperen
te creperen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gecrepeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen creperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gecrepeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gecrepeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gecrepeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gecrepeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gecrepeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gecrepeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gecrepeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gecrepeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal creperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal creperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal creperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gecrepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecrepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gecrepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gecrepeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gecrepeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gecrepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou creperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou creperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou creperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gecrepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecrepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecrepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecrepeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gecrepeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gecrepeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden creperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden creperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden creperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gecrepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gecrepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gecrepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gecrepeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gecrepeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gecrepeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt creperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gecrepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gecrepeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen creperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen creperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen creperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen creperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gecrepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gecrepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gecrepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gecrepeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gecrepeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gecrepeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult creperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gecrepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gecrepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gecrepeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit Duits soldatentaal, krepieren met het achtervoegsel -eren, in de dysfemische betekenis van ‘doodgaan, omkomen door gebrek’ (verwijzend naar ontbindende lijken, die openbarsten door het ontstane gas), voor het eerst aangetroffen begin 19e eeuw

Woordfamilie van creperen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
crepeer gebiedende wijs creperen
crepeerde verleden tijd creperen
crepeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon creperen
crepeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon creperen
crepere aanvoegende wijs creperen
creperend onvoltooid deelwoord creperen
creperende woordvorm creperen
gecrepeerd voltooid deelwoord creperen
gecrepeerde woordvorm creperen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van creperen zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over creperen

Wat is de betekenis van creperen?
Creperen is een werkwoord. De betekenis is: vergaan van, hevig lijden. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik creperen?
Zo vervoeg je creperen zo: de tegenwoordige tijd is crepeer, de verleden tijd is crepeerde en het voltooid deelwoord is gecrepeerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord creperen is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. C 5
  2. R 2
  3. E 1
  4. P 3
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

creperen levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 81 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. C 5
  2. R 2
  3. E 1
  4. P 4
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 17 zonder bonus
  10. 81 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

creperen in het kort

creperen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van creperen staan er 76 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort creperen bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

creperen: vergaan van, hevig lijden
Deel creperen — standaardnederlands.nl