concubine
zelfstandig naamwoord kɔŋky'binəBetekenis
- vrouw met wie een man in ongehuwde staat (concubinaat) samenleeft
Hoe spreek je concubine uit?
/kɔŋkyˈbinə/
Concubine bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɔ | bot |
| ŋ | ding |
| y | fuut |
| b | bak |
| i | riet |
| n | nek |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| concubines | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘bijzit’ voor het eerst aangetroffen in 1451
Woordfamilie van concubine
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| concubines | meervoud | concubine |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van concubine zijn vastgelegd.