vermenigvuldigen
werkwoordBetekenis
- het herhaald optellen van een getal; een rekenkundige bewerking waarvan de uitkomst het product wordt genoemd
Vervoeging van vermenigvuldigen
vermenigvuldigenhele werkwoord — vermenigvuldigdeverleden tijd enkelvoud — vermenigvuldigdenverleden tijd meervoud — vermenigvuldigdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | vermenigvuldig | vermenigvuldigde |
| jij | vermenigvuldigt | vermenigvuldigde |
| hij, zij, het | vermenigvuldigt | vermenigvuldigde |
| wij | vermenigvuldigen | vermenigvuldigden |
| jullie | vermenigvuldigen | vermenigvuldigden |
| zij | vermenigvuldigen | vermenigvuldigden |
Alle 160 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is vermenigvuldigd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was vermenigvuldigd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd vermenigvuldigd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt vermenigvuldigd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal vermenigvuldigd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal vermenigvuldigd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou vermenigvuldigd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou vermenigvuldigd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben vermenigvuldigd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben vermenigvuldigd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te vermenigvuldigen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen vermenigvuldigen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vermenigvuldig | gebiedende wijs |
| vermenigvuldig me | eerste persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldig u/je , vermenigvuldigt je | gebiedende wijs |
| vermenigvuldigd | verleden tijd, deelwoord |
| vermenigvuldigd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| vermenigvuldigd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| vermenigvuldigd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vermenigvuldigd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vermenigvuldigd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| vermenigvuldigd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| vermenigvuldigd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| vermenigvuldigd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vermenigvuldigd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vermenigvuldigd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| vermenigvuldigde | verleden tijd |
| vermenigvuldigde je | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldigde me | eerste persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldigde u | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldigde u | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| vermenigvuldigde zich | derde persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldigde zich/u | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldigde zich/u | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| vermenigvuldigden je | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| vermenigvuldigden ons | eerste persoon, verleden tijd, meervoud |
| vermenigvuldigden zich | derde persoon, verleden tijd, meervoud |
| vermenigvuldige | aanvoegende wijs |
| vermenigvuldige zich | aanvoegende wijs |
| vermenigvuldigen je | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| vermenigvuldigen ons | eerste persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| vermenigvuldigen zich | derde persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| vermenigvuldigend | onvoltooid, deelwoord |
| vermenigvuldigt je | tweede persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldigt u | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldigt u | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| vermenigvuldigt zich | derde persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldigt zich/u | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| vermenigvuldigt zich/u | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| waart vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was vermenigvuldigd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt vermenigvuldigd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal me vermenigvuldigen | eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zal vermenigvuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vermenigvuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal vermenigvuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal vermenigvuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vermenigvuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal vermenigvuldigd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal vermenigvuldigd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal zich vermenigvuldigen | derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zal, zult je vermenigvuldigen | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zich vermenigvuldigd hebben | verleden tijd |
| zich vermenigvuldigend | onvoltooid, deelwoord |
| zijn vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt vermenigvuldigd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou vermenigvuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vermenigvuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vermenigvuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou vermenigvuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vermenigvuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou vermenigvuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vermenigvuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou vermenigvuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou vermenigvuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden vermenigvuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden vermenigvuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden vermenigvuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vermenigvuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden vermenigvuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden vermenigvuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vermenigvuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden vermenigvuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden vermenigvuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt vermenigvuldigd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt vermenigvuldigd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt vermenigvuldigd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt vermenigvuldigen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen je vermenigvuldigen | tweede persoon, toekomende tijd, meervoud |
| zullen ons vermenigvuldigen | eerste persoon, toekomende tijd, meervoud |
| zullen vermenigvuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen vermenigvuldigd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
In de betekenis van ‘een getal zo vaak nemen als door een ander is aangegeven’ voor het eerst aangetroffen in 1562
Woordfamilie van vermenigvuldigen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vermenigvuldig | gebiedende wijs | vermenigvuldigen |
| vermenigvuldigd | voltooid deelwoord | vermenigvuldigen |
| vermenigvuldigde | verleden tijd | vermenigvuldigen |
| vermenigvuldigden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | vermenigvuldigen |
| vermenigvuldige | aanvoegende wijs | vermenigvuldigen |
| vermenigvuldigend | onvoltooid deelwoord | vermenigvuldigen |
| vermenigvuldigende | woordvorm | vermenigvuldigen |
| vermenigvuldigt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | vermenigvuldigen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vermenigvuldigen zijn vastgelegd.