Naar de inhoud

sparren

met een tegenstander oefenen (zonder door te stoten), trainen

sparren is meer dan één woord

sparren

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈspɑrə(n)

Betekenis

  1. met een tegenstander oefenen (zonder door te stoten), trainen
  2. informeel met iemand overleggen over voors en tegens van mogelijke oplossingen

Hoe spreek je sparren uit?

/ˈspɑrən/

Sparren bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈspɑrən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
p pak
ɑ bad
r rood
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van sparren

sparrenhele werkwoord — spardeverleden tijd enkelvoud — spardenverleden tijd meervoud — gespardvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik spar sparde
jij spart sparde
hij, zij, het spart sparde
wij sparren sparden
jullie sparren sparden
zij sparren sparden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gespard verleden tijd, deelwoord
gespard te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gespard zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gespard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gespard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gespard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gespard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gespard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gespard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gespard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gespard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gespard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gespard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gespard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gespard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gespard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gespard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gespard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
spar gebiedende wijs
sparde verleden tijd
sparre aanvoegende wijs
sparrend onvoltooid, deelwoord
te hebben gespard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te sparren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen sparren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gespard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gespard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gespard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal sparren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal sparren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal sparren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gespard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gespard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gespard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou sparren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou sparren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou sparren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gespard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gespard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gespard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden sparren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden sparren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden sparren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gespard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt sparren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gespard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gespard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gespard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen sparren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen sparren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen sparren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen sparren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gespard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult sparren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord spar

Herkomst

van Engels spar ww , in de betekenis van ‘boksen zonder doorstoten’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1986

Woordfamilie van sparren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gespard voltooid deelwoord sparren
sparde verleden tijd sparren
sparden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon sparren
sparre aanvoegende wijs sparren
sparrend onvoltooid deelwoord sparren
sparrende woordvorm sparren
spart aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon sparren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van sparren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over sparren

Hoe spreek je sparren uit?
De uitspraak van sparren is: /ˈspɑrə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent sparren?
Sparren is een werkwoord. Het woord betekent: met een tegenstander oefenen (zonder door te stoten), trainen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je sparren?
Je vervoegt sparren als volgt: de tegenwoordige tijd is spar, de verleden tijd is sparde en het voltooid deelwoord is gespard. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op sparren?

In dit woordenboek rijmen 11 woorden op -arren op sparren, zoals sarren, verwarren en marren. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op sparren, uitspraak ˈspɑrən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
sarren 2
verwarren 3
marren 2
warren 2
scharren 2
kokosgaren 4
starren 2
barren 2
boodschappenkarren 5
darren 2
karren 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord sparren is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. P 3
  3. A 1
  4. R 2
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

sparren levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 103 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. P 4
  3. A 1
  4. R 2
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 zonder bonus
  9. 103 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

sparren telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

sparren in het kort

sparren is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van sparren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort sparren bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

sparren: met een tegenstander oefenen (zonder door te stoten), trainen
Deel sparren — standaardnederlands.nl