Naar de inhoud

schorten

~ aan: tekortkomen, ontbreken

schorten is meer dan één woord

schorten

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈsxɔrtə(n)

Betekenis

  1. ~ aan: tekortkomen, ontbreken
  2. omhoog trekken, korter maken

Hoe spreek je schorten uit?

/ˈsxɔrtən/

Schorten bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈsxɔrtən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
x acht
ɔ bot
r rood
t tak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van schorten

schortenhele werkwoord — schortteverleden tijd enkelvoud — schorttenverleden tijd meervoud — geschortvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik schort schortte
jij schort schortte
hij, zij, het schort schortte
wij schorten schortten
jullie schorten schortten
zij schorten schortten
Alle 30 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
geschort actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geschort verleden tijd, deelwoord
geschort te zullen actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geschort zullen actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
heeft geschort verleden tijd, deelwoord
schort gebiedende wijs
schort tegenwoordige tijd
schorte aanvoegende wijs
schortend onvoltooid, deelwoord
schortte verleden tijd
te geschort actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te schorten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen schorten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal schorten toekomende tijd
zal schorten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal schorten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal schorten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou schorten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou schorten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou schorten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden schorten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden schorten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden schorten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt schorten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen schorten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen schorten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen schorten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen schorten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult schorten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord schort

Herkomst

[1] van Middelnederlands scorten, in de betekenis van ‘ontbreken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1429

Woordfamilie van schorten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geschort voltooid deelwoord schorten
geschorte woordvorm schorten
schorte aanvoegende wijs schorten
schortend onvoltooid deelwoord schorten
schortende woordvorm schorten
schortte verleden tijd schorten
schortten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon schorten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schorten zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over schorten

Hoe spreek je schorten uit?
De uitspraak van schorten is: /ˈsxɔrtə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent schorten?
Schorten is een werkwoord. Het woord betekent: ~ aan: tekortkomen, ontbreken. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je schorten?
Je vervoegt schorten als volgt: de tegenwoordige tijd is schort, de verleden tijd is schortte en het voltooid deelwoord is geschort. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op schorten?

Er staan 13 woorden in dit woordenboek die op schorten rijmen, waaronder sporten, watersporten en consorten. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op schorten, uitspraak ˈsxɔrtən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
sporten 2
watersporten 4
consorten 3
aandachtstekorten 5
aandachttekorten 5
bergsporten 4
detectiverapporten 7
gehandicaptensporten 7
horten 2
multisporten 4
railtransporten 4
watersportten 4
worstelsporten 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord schorten is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. O 1
  5. R 2
  6. T 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

schorten levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. O 1
  5. R 2
  6. T 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 18 zonder bonus
  10. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

schorten in het kort

schorten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van schorten zijn 19 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort schorten bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

schorten: ~ aan: tekortkomen, ontbreken
Deel schorten — standaardnederlands.nl