Naar de inhoud

rijpen

rijp worden

rijpen

werkwoord ˈrɛipə(n)

Betekenis

  1. rijp worden
  2. zich ontwikkelen

Hoe spreek je rijpen uit?

/ˈrɛipən/

Rijpen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈrɛipən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
r rood
ɛi trein
p pak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van rijpen

rijpenhele werkwoord — rijpteverleden tijd enkelvoud — rijptenverleden tijd meervoud — gerijptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik rijp rijpte
jij rijpt rijpte
hij, zij, het rijpt rijpte
wij rijpen rijpten
jullie rijpen rijpten
zij rijpen rijpten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gerijpt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gerijpt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gerijpt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gerijpt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gerijpt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gerijpt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gerijpt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gerijpt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gerijpt verleden tijd, deelwoord
gerijpt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gerijpt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gerijpt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerijpt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerijpt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerijpt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gerijpt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gerijpt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gerijpt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gerijpt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gerijpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gerijpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gerijpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gerijpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gerijpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gerijpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gerijpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gerijpt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
rijp gebiedende wijs
rijpe aanvoegende wijs
rijpend onvoltooid, deelwoord
rijpte verleden tijd
te hebben gerijpt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te rijpen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen rijpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gerijpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gerijpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gerijpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gerijpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gerijpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gerijpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gerijpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gerijpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gerijpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gerijpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gerijpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gerijpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gerijpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gerijpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gerijpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gerijpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gerijpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gerijpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gerijpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gerijpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gerijpt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerijpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gerijpt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gerijpt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerijpt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal rijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal rijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal rijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gerijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gerijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerijpt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerijpt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerijpt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou rijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou rijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou rijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gerijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gerijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gerijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gerijpt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gerijpt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gerijpt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden rijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden rijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden rijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gerijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gerijpt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt rijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gerijpt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gerijpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gerijpt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gerijpt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gerijpt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gerijpt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen rijpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen rijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen rijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen rijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gerijpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gerijpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gerijpt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult rijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van rijp met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van rijpen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
rijpend onvoltooid deelwoord rijpen
rijpende woordvorm rijpen
rijpt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon rijpen
rijpte verleden tijd rijpen
rijpten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon rijpen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rijpen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over rijpen

Hoe spreek je rijpen uit?
De uitspraak van rijpen is: /ˈrɛipə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent rijpen?
Rijpen is een werkwoord. Het woord betekent: rijp worden. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je rijpen?
Je vervoegt rijpen als volgt: de tegenwoordige tijd is rijp, de verleden tijd is rijpte en het voltooid deelwoord is gerijpt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op rijpen?

Er staan 7 woorden in dit woordenboek die op rijpen rijmen, waaronder knijpen, grijpen en typen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op rijpen, uitspraak ˈrɛipən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
knijpen 2
grijpen 2
typen 2
pijpen 2
zijpen 2
bruidegomspijpen 5
doedelzakpijpen 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord rijpen is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. R 2
  2. I 1
  3. J 4
  4. P 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

rijpen levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 66 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. R 2
  2. I 2
  3. J 4
  4. P 4
  5. E 1
  6. N 1
  7. 14 zonder bonus
  8. 66 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (J) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

rijpen telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

rijpen in het kort

rijpen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van rijpen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort rijpen bij een woordfamilie van 5 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

rijpen: rijp worden
Deel rijpen — standaardnederlands.nl