moord
zelfstandig naamwoord, werkwoord mortBetekenis
- handeling met het doel en het gevolg dat iemand dood gaat
- als eerste deel van een samengesteld zelfstandig naamwoord drukt uit dat het om een buitengewoon gewaardeerd voorbeeld gaat van wat het tweede deel aanduidt
Hoe spreek je moord uit?
/mort/
Moord bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| o | boot |
| r | rood |
| t | tak |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| moorden | meervoud |
| moordje | verkleinwoord, enkelvoud |
| moordjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van moorden
- gebiedende wijs van moorden
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van moorden
Vervoeging van moord
moordhele werkwoord
Herkomst
erfwoord via Middelnederlands mort van Oudnederlands morth, in de betekenis van ‘doodslag met voorbedachten rade’ aangetroffen vanaf 1106/1111 **[1.1] (Nederland) Wetboek van Strafrecht, art. 289 **[1.2] vermoedelijk onder invloed van de uitdrukking "een moord doen voor" om een sterke begeerte aan te geven
Woordfamilie van moord
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| moordje | verkleinwoord | moord |
| moordjes | verkleinwoord meervoud | moord |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van moord zijn vastgelegd.