kwintet
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een groep van vijf muzikanten
- een muziekstuk voor vijf musici
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kwintetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| kwintetjes | verkleinwoord, meervoud |
| kwintetten | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘muziekstuk voor vijf partijen’ voor het eerst aangetroffen in 1772
Woordfamilie van kwintet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kwintetje | verkleinwoord | kwintet |
| kwintetjes | verkleinwoord meervoud | kwintet |
| kwintetten | meervoud | kwintet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kwintet zijn vastgelegd.