Naar de inhoud

graven

een gat in de grond maken met de handen of met een graafwerktuig

graven is meer dan één woord

graven

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈɣravə(n)

Betekenis

  1. een gat in de grond maken met de handen of met een graafwerktuig
  2. gesneden
  3. begraven

Hoe spreek je graven uit?

/ˈxravən/

Graven bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈxravən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
x acht
r rood
a maan
v vis
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. onderzoeken

Vervoeging van graven

gravenhele werkwoord — groefverleden tijd enkelvoud — groevenverleden tijd meervoud — gegravenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik graaf groef
jij graaft groef
hij, zij, het graaft groef
wij graven groeven
jullie graven groeven
zij graven groeven
Alle 88 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
er is gegraven impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gegraven impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gegraven impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gegraven impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gegraven worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gegraven zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gegraven worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gegraven zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gegraven verleden tijd, deelwoord
gegraven te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegraven te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegraven te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegraven te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegraven te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegraven worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegraven zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegraven zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegraven zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegraven zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
graaf gebiedende wijs
grave aanvoegende wijs
gravend onvoltooid, deelwoord
groef verleden tijd
had gegraven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegraven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegraven voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegraven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegraven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegraven voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegraven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegraven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegraven actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegraven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegraven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegraven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegraven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegraven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegraven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gegraven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te graven actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegraven actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen graven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waren gegraven voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gegraven voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gegraven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden gegraven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden gegraven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gegraven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal gegraven hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegraven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegraven hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gegraven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gegraven zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal graven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal graven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal graven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gegraven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou gegraven hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegraven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegraven hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gegraven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gegraven zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou graven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou graven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou graven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gegraven hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegraven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegraven hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegraven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegraven zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden graven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden graven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden graven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gegraven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt graven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gegraven hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegraven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegraven hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegraven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegraven zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen graven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen graven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen graven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen graven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gegraven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult graven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord graf
  • meervoud van het zelfstandig naamwoord graaf

Herkomst

In de betekenis van ‘in de grond spitten’ voor het eerst aangetroffen in 901

Woordfamilie van graven

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gegraven voltooid deelwoord graven
graaft aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon graven
gravend onvoltooid deelwoord graven
gravende woordvorm graven

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van graven zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over graven

Hoe spreek je graven uit?
De uitspraak van graven is: /ˈɣravə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent graven?
Graven is een werkwoord. Het woord betekent: een gat in de grond maken met de handen of met een graafwerktuig. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je graven?
Je vervoegt graven als volgt: de tegenwoordige tijd is graaf, de verleden tijd is groef en het voltooid deelwoord is gegraven. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op graven?

Er staan 16 woorden in dit woordenboek die op graven rijmen, waaronder ondergraven, aanloophaven en aanvoerhaven. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op graven, uitspraak ˈxravən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
ondergraven 4
aanloophaven 4
aanvoerhaven 4
doorgraven 3
beschaven 3
oorlogshaven 4
aanleghaven 4
gaven 2
molengraven 4
opengraven 4
slaven 2
uitvalshaven 4
uitwijkhaven 4
wandelstaven 4
wegenschaven 4
zuurkoolschaven 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord graven is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. R 2
  3. A 1
  4. V 4
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

graven levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 60 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. R 2
  3. A 1
  4. V 4
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 zonder bonus
  8. 60 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

graven telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

graven in het kort

graven is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van graven zijn 66 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort graven bij een woordfamilie van 4 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

graven: een gat in de grond maken met de handen of met een graafwerktuig
Deel graven — standaardnederlands.nl