demograaf
zelfstandig naamwoord ˌdemoˈɣrafBetekenis
- iemand die studie verricht naar de samenstelling van de bevolking naar bijvoorbeeld leeftijd, geslacht, nationaliteit, etniciteit en/of beroep
Hoe spreek je demograaf uit?
/ˌdemoˈxraf/
Demograaf bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| e | veel |
| m | maan |
| o | boot |
| x | acht |
| r | rood |
| a | maan |
| f | fiets |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| demografen | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘beschrijver van volkeren’ voor het eerst aangetroffen in 1953
Woordfamilie van demograaf
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| demografen | meervoud | demograaf |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van demograaf zijn vastgelegd.