Naar de inhoud

bloeien

het dragen van open, actieve bloeiwijzen

bloeien

werkwoord

Betekenis

  1. het dragen van open, actieve bloeiwijzen
  2. overdrachtelijk het bijzonder goed maken

Vervoeging van bloeien

bloeienhele werkwoord — bloeideverleden tijd enkelvoud — bloeidenverleden tijd meervoud — gebloeidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bloei bloeide
jij bloeit bloeide
hij, zij, het bloeit bloeide
wij bloeien bloeiden
jullie bloeien bloeiden
zij bloeien bloeiden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
bloei gebiedende wijs
bloeide verleden tijd
bloeie aanvoegende wijs
bloeiend onvoltooid, deelwoord
ev. gebiedende wijs
gebloeid verleden tijd, deelwoord
gebloeid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gebloeid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gebloeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gebloeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gebloeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gebloeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gebloeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gebloeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gebloeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gebloeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gebloeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gebloeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gebloeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gebloeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gebloeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gebloeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gebloeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bloeien actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gebloeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bloeien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal bloeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bloeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bloeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gebloeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gebloeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gebloeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou bloeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bloeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bloeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gebloeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gebloeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gebloeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bloeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bloeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bloeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gebloeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gebloeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gebloeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt bloeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gebloeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen bloeien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bloeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bloeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bloeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gebloeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gebloeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gebloeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult bloeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gebloeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘in bloei staan’ voor het eerst aangetroffen in 901

Woordfamilie van bloeien

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bloeide verleden tijd bloeien
bloeiden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon bloeien
bloeie aanvoegende wijs bloeien
bloeit aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bloeien
gebloeid voltooid deelwoord bloeien

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bloeien zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over bloeien

Wat is de betekenis van bloeien?
Bloeien is een werkwoord. De betekenis is: het dragen van open, actieve bloeiwijzen. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik bloeien?
Zo vervoeg je bloeien zo: de tegenwoordige tijd is bloei, de verleden tijd is bloeide en het voltooid deelwoord is gebloeid. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bloeien is 11 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. L 3
  3. O 1
  4. E 1
  5. I 1
  6. E 1
  7. N 1
  8. 11 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bloeien levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 103 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. L 3
  3. O 1
  4. E 1
  5. I 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 zonder bonus
  9. 103 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

bloeien telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

bloeien in het kort

bloeien staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van bloeien staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort bloeien bij een woordfamilie van 5 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

bloeien: het dragen van open, actieve bloeiwijzen
Deel bloeien — standaardnederlands.nl