bloeitijd
zelfstandig naamwoord 'blujtɛɪtBetekenis
- de periode van het jaar dat er bloemen aan een plant bloeien
- de hoogtij van iets
Hoe spreek je bloeitijd uit?
/ˈblujtɛit/
Bloeitijd bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| l | land |
| u | boek |
| j | ja |
| t | tak |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bloeitijden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van bloei en tijd
Woordfamilie van bloeitijd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bloeitijden | meervoud | bloeitijd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bloeitijd zijn vastgelegd.