Naar de inhoud

bezorgen

iemand iets ~: bij iemand aan huis afleveren

bezorgen

werkwoord bəˈzɔrɣə(n)

Betekenis

  1. iemand iets ~: bij iemand aan huis afleveren
  2. bij iemand veroorzaken
  3. goederen op een bepaalde plaats brengen, bestellen
  4. verschaffen

Hoe spreek je bezorgen uit?

/bəˈzɔrxən/

Bezorgen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /bəˈzɔrxən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
b bak
ə de
z zon
ɔ bot
r rood
x acht
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van bezorgen

bezorgenhele werkwoord — bezorgdeverleden tijd enkelvoud — bezorgdenverleden tijd meervoud — bezorgdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bezorg bezorgde
jij bezorgt bezorgde
hij, zij, het bezorgt bezorgde
wij bezorgen bezorgden
jullie bezorgen bezorgden
zij bezorgen bezorgden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
bezorg gebiedende wijs
bezorgd verleden tijd, deelwoord
bezorgd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bezorgd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bezorgd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bezorgd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
bezorgd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bezorgd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bezorgd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bezorgd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bezorgd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
bezorgd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bezorgde verleden tijd
bezorge aanvoegende wijs
bezorgend onvoltooid, deelwoord
er is bezorgd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was bezorgd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd bezorgd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt bezorgd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal bezorgd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal bezorgd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou bezorgd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou bezorgd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had bezorgd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had bezorgd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had bezorgd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden bezorgd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden bezorgd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden bezorgd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt bezorgd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bezorgd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bezorgen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben bezorgd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bezorgen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart bezorgd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bezorgd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren bezorgd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bezorgd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was bezorgd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was bezorgd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was bezorgd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd bezorgd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd bezorgd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd bezorgd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden bezorgd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden bezorgd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden bezorgd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt bezorgd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word bezorgd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden bezorgd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden bezorgd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden bezorgd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt bezorgd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt bezorgd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal bezorgd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bezorgd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal bezorgd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal bezorgd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bezorgd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt bezorgd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou bezorgd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bezorgd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bezorgd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bezorgd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bezorgd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bezorgd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden bezorgd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bezorgd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bezorgd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bezorgd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bezorgd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bezorgd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt bezorgd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bezorgd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen bezorgd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bezorgd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bezorgd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bezorgd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bezorgd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bezorgd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bezorgen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult bezorgd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bezorgd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bezorgd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bezorgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van zorgen met het voorvoegsel be-

Woordfamilie van bezorgen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bezorg gebiedende wijs bezorgen
bezorgden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon bezorgen
bezorge aanvoegende wijs bezorgen
bezorgend onvoltooid deelwoord bezorgen
bezorgende woordvorm bezorgen
bezorgt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bezorgen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bezorgen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over bezorgen

Hoe spreek je bezorgen uit?
De uitspraak van bezorgen is: /bəˈzɔrɣə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent bezorgen?
Bezorgen is een werkwoord. Het woord betekent: iemand iets ~: bij iemand aan huis afleveren. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je bezorgen?
Je vervoegt bezorgen als volgt: de tegenwoordige tijd is bezorg, de verleden tijd is bezorgde en het voltooid deelwoord is bezorgd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op bezorgen?

Op bezorgen rijmen 7 woorden, onder andere morgen, goedemorgen en zorgen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op bezorgen, uitspraak bəˈzɔrxən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
morgen 2
goedemorgen 4
zorgen 2
borgen 2
worgen 2
flitsbezorgen 4
welzijnszorgen 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bezorgen is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. Z 4
  4. O 1
  5. R 2
  6. G 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bezorgen levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. Z 5
  4. O 1
  5. R 2
  6. G 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 18 zonder bonus
  10. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bezorgen in het kort

bezorgen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van bezorgen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort bezorgen bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

bezorgen: iemand iets ~: bij iemand aan huis afleveren
Deel bezorgen — standaardnederlands.nl