Naar de inhoud

vlechten

in elkaar strengelen

vlechten is meer dan één woord

vlechten

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈvlɛxtə(n)

Betekenis

  1. in elkaar strengelen

Hoe spreek je vlechten uit?

/ˈvlɛxtən/

Vlechten bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈvlɛxtən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
l land
ɛ bed
x acht
t tak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van vlechten

vlechtenhele werkwoord — vlochtverleden tijd enkelvoud — vlochtenverleden tijd meervoud — gevlochtenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik vlecht vlocht
jij vlecht vlocht
hij, zij, het vlecht vlocht
wij vlechten vlochten
jullie vlechten vlochten
zij vlechten vlochten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gevlochten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gevlochten impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gevlochten impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gevlochten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gevlochten worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gevlochten zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gevlochten worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gevlochten zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gevlochten verleden tijd, deelwoord
gevlochten te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gevlochten te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gevlochten te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gevlochten te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gevlochten te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gevlochten worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gevlochten zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gevlochten zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gevlochten zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gevlochten zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gevlochten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gevlochten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gevlochten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gevlochten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gevlochten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gevlochten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gevlochten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gevlochten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben gevlochten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te vlechten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen vlechten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vlecht gebiedende wijs
vlechte aanvoegende wijs
vlechtend onvoltooid, deelwoord
vlocht verleden tijd
waart gevlochten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gevlochten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gevlochten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gevlochten voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gevlochten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gevlochten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gevlochten voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gevlochten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gevlochten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gevlochten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gevlochten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gevlochten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gevlochten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gevlochten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gevlochten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gevlochten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gevlochten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gevlochten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gevlochten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gevlochten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gevlochten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gevlochten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gevlochten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gevlochten zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gevlochten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal vlechten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal vlechten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal vlechten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gevlochten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gevlochten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gevlochten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gevlochten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gevlochten zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gevlochten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gevlochten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou vlechten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou vlechten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou vlechten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gevlochten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gevlochten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gevlochten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gevlochten zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gevlochten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gevlochten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vlechten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden vlechten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden vlechten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gevlochten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gevlochten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vlechten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gevlochten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gevlochten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gevlochten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gevlochten zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gevlochten zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gevlochten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vlechten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen vlechten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen vlechten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen vlechten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gevlochten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gevlochten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gevlochten zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vlechten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord vlecht

Herkomst

afgeleid van vlecht met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van vlechten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gevlochten voltooid deelwoord vlechten
vlechte aanvoegende wijs vlechten
vlechtend onvoltooid deelwoord vlechten
vlechtende woordvorm vlechten
vlocht verleden tijd vlechten
vlochten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon vlechten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vlechten zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over vlechten

Hoe spreek ik vlechten uit?
Zo spreek je vlechten uit: /ˈvlɛxtə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van vlechten?
Vlechten is een werkwoord. De betekenis is: in elkaar strengelen.
Hoe vervoeg ik vlechten?
Zo vervoeg je vlechten zo: de tegenwoordige tijd is vlecht, de verleden tijd is vlocht en het voltooid deelwoord is gevlochten. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op vlechten?

Vlechten rijmt op 9 woorden op -echten; vechten, knechten en mensenrechten bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op vlechten, uitspraak ˈvlɛxtən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
vechten 2
knechten 2
mensenrechten 4
rechten 2
slechten 2
bakkersknechten 4
filmrechten 4
ontechten 3
sjechten 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord vlechten is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. L 3
  3. E 1
  4. C 5
  5. H 4
  6. T 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

vlechten levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. L 3
  3. E 1
  4. C 5
  5. H 4
  6. T 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 21 zonder bonus
  10. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

vlechten in het kort

vlechten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Van vlechten staan er 74 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort vlechten bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

vlechten: in elkaar strengelen
Deel vlechten — standaardnederlands.nl