Naar de inhoud

verzuipen

door verdrinking om het leven komen

verzuipen

werkwoord vərˈzœypə(n)

Betekenis

  1. door verdrinking om het leven komen
  2. door verdrinking om het doen leven komen
  3. door toevoer van een overschot aan benzine de werking van een motor tot staan brengen

Hoe spreek je verzuipen uit?

/vərˈzœypən/

Verzuipen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /vərˈzœypən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ə de
r rood
z zon
œy huis
p pak
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. door verdrinking om het leven doen komen transitive

Vervoeging van verzuipen

verzuipenhele werkwoord — verzoopverleden tijd enkelvoud — verzopenverleden tijd meervoud — verzopenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verzuip verzoop
jij verzuipt verzoop
hij, zij, het verzuipt verzoop
wij verzuipen verzopen
jullie verzuipen verzopen
zij verzuipen verzopen
Alle 99 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verzopen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verzopen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verzopen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verzopen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verzopen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verzopen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verzopen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verzopen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verzopen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verzopen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
is verzopen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verzopen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te verzuipen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zijn verzopen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verzuipen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verzoop verleden tijd
verzopen verleden tijd, deelwoord
verzopen te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verzopen te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verzopen te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verzopen te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verzopen te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verzopen worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verzopen zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verzopen zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verzopen zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verzopen zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verzuip gebiedende wijs
verzuipe aanvoegende wijs
verzuipend onvoltooid, deelwoord
waart verzopen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verzopen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verzopen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verzopen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verzopen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verzopen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verzopen voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verzopen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verzopen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verzopen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verzopen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verzopen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verzopen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verzopen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verzopen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verzopen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verzopen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verzopen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verzopen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verzopen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verzopen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verzopen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verzopen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verzopen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn verzopen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verzopen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verzopen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verzopen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verzopen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verzopen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verzopen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verzopen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verzopen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verzopen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verzopen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verzopen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verzopen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verzopen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verzuipen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verzopen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verzopen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verzuipen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van zuipen met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van verzuipen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verzoop verleden tijd verzuipen
verzopen voltooid deelwoord verzuipen
verzuip gebiedende wijs verzuipen
verzuipe aanvoegende wijs verzuipen
verzuipend onvoltooid deelwoord verzuipen
verzuipende woordvorm verzuipen
verzuipt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verzuipen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verzuipen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verzuipen

Hoe spreek ik verzuipen uit?
Zo spreek je verzuipen uit: /vərˈzœypə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van verzuipen?
Verzuipen is een werkwoord. De betekenis is: door verdrinking om het leven komen. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik verzuipen?
Zo vervoeg je verzuipen zo: de tegenwoordige tijd is verzuip, de verleden tijd is verzoop en het voltooid deelwoord is verzopen. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op verzuipen?

In dit woordenboek rijmen 3 woorden op -zuipen op verzuipen, zoals zuipen, sluipen en comazuipen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op verzuipen, uitspraak vərˈzœypən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
zuipen 2
sluipen 2
comazuipen 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verzuipen is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. Z 4
  5. U 4
  6. I 1
  7. P 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verzuipen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. Z 5
  5. U 2
  6. I 2
  7. P 4
  8. E 1
  9. N 1
  10. 22 zonder bonus
  11. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verzuipen in het kort

verzuipen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van verzuipen staan er 59 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort verzuipen bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

verzuipen: door verdrinking om het leven komen
Deel verzuipen — standaardnederlands.nl