verzengen
werkwoord /vər.ˈzɛŋ.ə(n)/Betekenis
- door zengen beschadigen
- door zengen beschadigd worden
Hoe spreek je verzengen uit?
/vərˈzɛŋən/
Verzengen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| z | zon |
| ɛ | bed |
| ŋ | ding |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord
- : door zengen beschadigen transitive
- : door zengen beschadigd worden ergative
Vervoeging van verzengen
verzengenhele werkwoord — verzengdeverleden tijd enkelvoud — verzengdenverleden tijd meervoud — verzengdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | verzeng | verzengde |
| jij | verzengt | verzengde |
| hij, zij, het | verzengt | verzengde |
| wij | verzengen | verzengden |
| jullie | verzengen | verzengden |
| zij | verzengen | verzengden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is verzengd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was verzengd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd verzengd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt verzengd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal verzengd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal verzengd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou verzengd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou verzengd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had verzengd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had verzengd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had verzengd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden verzengd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden verzengd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden verzengd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt verzengd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben verzengd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben verzengd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te verzengen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen verzengen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verzeng | gebiedende wijs |
| verzengd | verleden tijd, deelwoord |
| verzengd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| verzengd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| verzengd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verzengd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verzengd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verzengd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| verzengd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| verzengd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| verzengd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| verzengd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| verzengde | verleden tijd |
| verzenge | aanvoegende wijs |
| verzengend | onvoltooid, deelwoord |
| waart verzengd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren verzengd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren verzengd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren verzengd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was verzengd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was verzengd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was verzengd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd verzengd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd verzengd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd verzengd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden verzengd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden verzengd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden verzengd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt verzengd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word verzengd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden verzengd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden verzengd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden verzengd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt verzengd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt verzengd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal verzengd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal verzengd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal verzengd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal verzengd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal verzengd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt verzengd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou verzengd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou verzengd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou verzengd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou verzengd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou verzengd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou verzengd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden verzengd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden verzengd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden verzengd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden verzengd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden verzengd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden verzengd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt verzengd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt verzengd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen verzengd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen verzengd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen verzengd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen verzengd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen verzengd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen verzengd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen verzengen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult verzengd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult verzengd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult verzengd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult verzengen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Afgeleid van zengen met het voorvoegsel ver-
Woordfamilie van verzengen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| verzeng | gebiedende wijs | verzengen |
| verzengd | voltooid deelwoord | verzengen |
| verzengde | verleden tijd | verzengen |
| verzengden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | verzengen |
| verzenge | aanvoegende wijs | verzengen |
| verzengt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | verzengen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verzengen zijn vastgelegd.