Naar de inhoud

verkoperen

een voorwerp bedekken met een dun laagje koper

verkoperen

werkwoord

Betekenis

  1. een voorwerp bedekken met een dun laagje koper

Vervoeging van verkoperen

verkoperenhele werkwoord — verkoperdeverleden tijd enkelvoud — verkoperdenverleden tijd meervoud — verkoperdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verkoper verkoperde
jij verkopert verkoperde
hij, zij, het verkopert verkoperde
wij verkoperen verkoperden
jullie verkoperen verkoperden
zij verkoperen verkoperden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
had verkoperd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verkoperd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verkoperd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verkoperd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verkoperd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verkoperd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verkoperd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verkoperd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verkoperd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verkoperd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verkoperd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verkoperd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verkoperd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verkoperd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verkoperd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verkoperd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verkoperen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verkoperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verkoper gebiedende wijs
verkoperd verleden tijd, deelwoord
verkoperd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verkoperd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verkoperde verleden tijd
verkopere aanvoegende wijs
verkoperend onvoltooid, deelwoord
zal verkoperd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verkoperd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verkoperd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou verkoperd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verkoperd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verkoperd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verkoperd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verkoperd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verkoperd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verkoperd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verkoperd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verkoperd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verkoperd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verkoperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verkoperd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verkoperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van koper met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van verkoperen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verkoperd voltooid deelwoord verkoperen
verkoperde verleden tijd verkoperen
verkoperden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verkoperen
verkopere aanvoegende wijs verkoperen
verkoperend onvoltooid deelwoord verkoperen
verkoperende woordvorm verkoperen
verkopert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verkoperen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verkoperen zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over verkoperen

Wat is de betekenis van verkoperen?
Verkoperen is een werkwoord. De betekenis is: een voorwerp bedekken met een dun laagje koper.
Hoe vervoeg ik verkoperen?
Zo vervoeg je verkoperen zo: de tegenwoordige tijd is verkoper, de verleden tijd is verkoperde en het voltooid deelwoord is verkoperd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verkoperen is 19 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. K 3
  5. O 1
  6. P 3
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 19 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verkoperen levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. K 3
  5. O 1
  6. P 4
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 20 zonder bonus
  12. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verkoperen in het kort

verkoperen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van verkoperen staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort verkoperen bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

verkoperen: een voorwerp bedekken met een dun laagje koper
Deel verkoperen — standaardnederlands.nl