sul
zelfstandig naamwoord, werkwoord sʏlBetekenis
- een wat dommig, traag persoon
Hoe spreek je sul uit?
/sʏl/
Sul bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| ʏ | put |
| l | land |
zelfstandig naamwoord — masculine
- iemand die goedgelovig en daardoor wat naïef is, of die alles maar goedvindt en tolereert informal
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| sullen | meervoud |
| sulletje | verkleinwoord, enkelvoud |
| sulletjes | verkleinwoord, meervoud |
werkwoord — feminine, form-of, masculine
- bepaald soort bijl met een gebogen, breder wordend blad dat haaks op de steel is vastgemaakt
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sullen
- gebiedende wijs van sullen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van sullen
Vervoeging van sul
sulhele werkwoord
Alle 1 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| [A] sul | canonical |
Woordfamilie van sul
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| sulletje | verkleinwoord | sul |
| sulletjes | verkleinwoord meervoud | sul |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van sul zijn vastgelegd.