rechtsgeleerde
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- een deskundige op het gebied van rechtsleer
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rechtsgeleerden | meervoud |
| rechtsgeleerdetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| rechtsgeleerdetjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- verbogen vorm van de stellende trap van rechtsgeleerd
Herkomst
samenstelling van recht en geleerde met het invoegsel -s-
Woordfamilie van rechtsgeleerde
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rechtsgeleerden | meervoud | rechtsgeleerde |
| rechtsgeleerdetje | verkleinwoord | rechtsgeleerde |
| rechtsgeleerdetjes | verkleinwoord meervoud | rechtsgeleerde |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rechtsgeleerde zijn vastgelegd.