race
zelfstandig naamwoord, werkwoord resBetekenis
- snelheidswedstrijd
- loop, wedloop, race
- groef of baan waarin de kogels van een kogellager lopen
- smalle waterloop van een watermolen ect.
- ras, soort van mens of dier
- racen, rennen, wedlopen
- ras
Hoe spreek je race uit?
/res/
Race bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| e | veel |
| s | sok |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- wedstrijd waarbij het erom gaat een bepaald traject of parcours zo snel mogelijk af te leggen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| raceje | verkleinwoord, enkelvoud |
| racejes | verkleinwoord, meervoud |
| races | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van racen
- gebiedende wijs van racen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van racen
- aanvoegende wijs van racen
Vervoeging van race
racehele werkwoord
Herkomst
van Engels race zn "wedloop", in de betekenis van ‘wedstrijd’ aangetroffen vanaf 1827
Woordfamilie van race
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| raceje | verkleinwoord | race |
| racejes | verkleinwoord meervoud | race |
| races | meervoud | race |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van race zijn vastgelegd.